Sportvisserij Nieuws - Februari 2010
Algemene nieuwsberichten

 
     
     
  --------------------
25 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

Pangasius: de waarheid over de wondervis uit het vriesvak

Misschien hebt u hem al gezien en zelfs gekocht uit het vriesvak van uw supermarkt of vishandel: de exotische pangasius. Het lijkt op het eerste gezicht een goeie keuze. Want op grote schaal gekweekt in Aziė, ergo een ethisch verantwoord alternatief voor het eten van gevangen, bedreigde soorten. Zo simpel is het echter niet.

Waterkwaliteit is niet echt een punt en je kan heel veel vissen in heel weinig water kweken. De norm is zowat 150 stuks in een drijvende kooi van een kubieke meter, en een stuk of tachtig per vierkante meter in een kunstmatige vijver.

De Mekong is één van de zwaarst vervuilde rivieren ter wereld. De hoeveelheid arseen in de stroom ligt tot acht keer hoger dan wat de Wereldgezonheidsorganisatie als veilig acht. In het grondwater is de concentratie zelfs twintig keer hoger dan veilig. Het gif komt onder meer van een quasi ongecontroleerd gebruik van pesticiden.

Vrouwelijke pangasius groeit opmerkelijk sneller en legt sneller en meer eieren wanneer ingespoten met een hormonenextract dat een Chinese firma produceert uit gedehydrateerde urine van zwangere vrouwen.

Er is ook een soort feodaal systeem ontstaan langs de oevers van de Mekong, waarbij een arme viskweker het vissenvoer "in bruikleen" geleverd wordt. De leverancier van het voer neemt na 180 dagen de vissen af tegen een vergoeding die per persoon neerkomt op ongeveer de armoedegrens.

Een keer verwerkt, krijgt de pangasiusfilet een injectie met een pentanatriumtrifosfaatoplossing. Die bedraagt tussen 10 en 20 procent van het gewicht van de filet. De filet wordt daardoor zwaarder (en brengt meer op) plus zorgt dat hij langer bewaard kan worden.

De kweek van pangasius heeft sterk bijgedragen tot het verdwijnen van de populatie van irrawaddydolfijnen (orcaella brevirostris) in de Mekong. Er zouden er nog hooguit een vijftigtal zijn.

Pangasius is een Vietnamees succesverhaal. 90 procent van alle pangasius wordt gekweekt in de Mekong-rivierdelta. Het gaat eigenlijk om twee soorten katvis: tra (pangasianodon hypophthalmus) en basa (pangasius bocourti). In 1995 bedroeg de 'oogst' 10.000 ton, in 2008 was het al meer dan 1,1 miljoen ton. Die groei is marktgedreven. Pangasius wordt nu uitgevoerd naar 130 landen, bijna allemaal in de vorm van witte filets. 80 procent van de export ging naar de VS, maar dat is de jongste jaren veranderd, en nu is Europa met 35 procent de grootste afnemer, en hangen de States aan het staartje met amper 4 procent.

Waterkwaliteit is niet zo'n punt
Het succes van pangasius heeft de vis onder meer te danken aan een fysiologisch kenmerk. Door z'n unieke zwemblaas kan de soort direct zuurstof halen uit de lucht. Dat betekent dat kwekers niet te veel moeten wakker liggen van het zuurstofgehalte van het water. Lees: waterkwaliteit is niet echt een punt en je kan heel veel vissen in heel weinig water kweken. De norm is zowat 150 stuks in een drijvende kooi van een kubieke meter, en een stuk of tachtig per vierkante meter in een kunstmatige vijver.

Poisson poison
De Mekong is één van de zwaarst vervuilde rivieren ter wereld. De hoeveelheid arseen in de stroom ligt tot acht keer hoger dan wat de Wereldgezonheidsorganisatie als veilig acht. In het grondwater is de concentratie zelfs twintig keer hoger dan veilig. Het gif komt onder meer van een quasi ongecontroleerd gebruik van pesticiden. De impact is nog niet duidelijk: de effecten van chronische arseenvergiftiging zijn vaak pas na tien jaar te zien. Daarnaast munt de Mekong uit door de prominente aanwezigheid van kankerverwekkende PCB's, DDT's, CHL's, HCH's en HCB's.

De vis-apotheker
Uw pangasiusfilet leeft niet alleen in dat water; het wordt ook gebruikt om hem in te vriezen. Dat is niet alles. De sjiekste zelfstandingen in de regio zijn de handelsreizigers die met een koffer vol geneesmiddelen tegen parasieten in de vis, pre- en antibiotica en nog van dat fraais aankloppen bij de viskweker. In het assortiment ook steevast trifluralin, dat met recht en rede in Europa verboden is. Het pesticide excelleert in zowat alles wat u niet in de buurt van vis voor consumptie wil: persistent in de bodem en niet gemakkelijk biologisch afbreekbaar en een hoog potentieel voor bioaccumulatie, met name in waterorganismen. De viskwekers vinden het echter een doeltreffend middel tegen ongewilde plantengroei in hun vijvers.

Urine van zwangere vrouwen
Een ander middeltje dat gretig wordt afgenomen: vrouwelijke pangasius groeit opmerkelijk sneller en legt sneller en meer eieren wanneer ingespoten met een hormonenextract dat een Chinese firma produceert uit gedehydrateerde urine van zwangere vrouwen.

De kip en de vis
De pangasius krijgt korrel als eten. Daarin onder meer vismeel (dat komt uit Zuid-Amerika, waar 90 procent van de ansjovisvangst verwerkt wordt tot beestenvoeder, maar dat is een ander verhaal), eiwitten van plantaardige oorsprong zoals soya, maar ook eiwitten van dierlijke oorsprong en nogal wat pluimen van kippen en andere bijproducten van gevogelte. Dat laatste kan het risico met zich meebrengen dat het in die regio gangbare vogelgriepvirus ook in de vissector terecht komt.

Pentanatriumtrifosfaat
Een keer verwerkt, krijgt de pangasiusfilet een injectie met een pentanatriumtrifosfaatoplossing. Die bedraagt tussen 10 en 20 procent van het gewicht van de filet. De filet wordt daardoor zwaarder (en brengt meer op) plus zorgt dat hij langer bewaard kan worden.

Feodaal systeem
Niet dat het de viskwekers echt rijk maakt allemaal. Een maximum maandinkomen van 50 Amerikaanse dollar is gewoon. Er is ook een soort feodaal systeem ontstaan langs de oevers van de Mekong, waarbij een arme viskweker het vissenvoer "in bruikleen" geleverd wordt. De leverancier van het voer neemt na 180 dagen de vissen af tegen een vergoeding die per persoon neerkomt op ongeveer de armoedegrens.

Katvis vermoordt dolfijn
De kweek van pangasius heeft sterk bijgedragen tot het verdwijnen van de populatie van irrawaddydolfijnen (orcaella brevirostris) in de Mekong. Er zouden er nog hooguit een vijftigtal zijn. De dolfijnen zijn bijna allemaal gestorven als gevolg van een bacteriėle infectie, waarschijnlijk afkomstig door aanraking met kweekkooien. Die ziekte is op zich niet dodelijk, behalve wanneer het immuunstelsel van de dieren is aangetast. Bij de autopsie troffen onderzoekers toxische niveaus van pesticiden (vooral DDT) en PCB's aan.

Zwarte markt
Vorig jaar werd in de VS een lading pangasius onderschept van 4.545 ton. Op de verpakkingen stonden de namen van duurdere vissen zoals tongfilet, kabeljauw en zeebaars: alles behalve pangasius. Het kopstuk achter de zwendel werd gepakt en kreeg 63 maanden cel. Maar het zou naļef zijn om te denken dat deze vangst niet meer dan het topje van de ijsberg was.

En dan is er de strontmond
Tilapia is oorspronkelijk Afrikaans, maar nu wordt hij voornamelijk in Zuid-China, Indonesiė en Bangladesh gekweekt. De export gaat grotendeels richting Amerika, maar ook in Europese supermarkten duikt de vis op. Het grootse probleem met tilapia zijn hormonen. Alleen de mannetjes van de soort zijn bruikbaar om verwerkt te worden. Dus worden van de vrouwtjes op jonge leeftijd mannetjes gemaakt. Dat kan door het toedienen van grote dosissen testosteron. Te veel testosteron kan onder meer leiden tot borstkanker.

Tilapia wordt ook wel "strontmond" genoemd door z'n kwekers. De vis is de kampioen in het eten van zijn eigen uitwerspelen; hij consumeert tot zes keer meer uitwerpselen dan dat hij er zelf produceert.
 

 
  --------------------
24 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

Verse vis, bestaat dat nog?

De overgrote meerderheid van restaurants, tavernes en fastfoodketens werkt met ingevroren vis en schaaldieren. En dat is een goede zaak. De vraag die u zich moet stellen is niet zozeer "hoe vers is mijn vis?" maar "hoe lang geleden werd mijn vis ontdooid?" De vraag leidt ons ook naar een andere: hoe gezond is vis nu eigenlijk?

Er zijn drie scenario's voor verse vis. Het eerste is voorbehouden aan erg weinig consumenten: uw vis komt van een dagboot, die niet langer dan 24 op zee is geweest. Twee problemen. Behalve grijze garnalen is uw keus bijzonder klein wat betreft dagvangst in onze contreien. En u moet al bijna de boot opwachten in de haven. Dus, tenzij u een topchef bent met de juiste connecties (en daar wil voor betalen) of tenzij u aan de kust woont en veel tijd heeft: schrappen maar.

HOE VETTER, HOE SNELLER BEDORVEN
Het tweede scenario omhelst vis die niet door dagboten is gevangen, maar door vissers die meerdere dagen op zee blijven. Hoe lang vis vers blijft, hangt onder meer af van waar die komt. Vissen uit warmere zeeën en subtropische wateren blijven, wanneer behoorlijk bewaard op ijs, tot drie weken eetbaar. Rode snapper is een goed voorbeeld. Voor vissen uit kouder water is een week al heel wat op ijs. Trouwens daar geldt: hoe vetter de vis, hoe sneller hij bederft. Zalm en makreel bijvoorbeeld.

TOT TIEN DAGEN OP IJS
Tegen de tijd dat zogezegde verse kabeljauw op uw bord belandt, heeft die al een lange reis achter de rug. Die begint in het net. De vis wordt vaak urenlang in het net over de bodem gesleept voor de trawler het net ophaalt. Lees: gekneusd in een onderwaterwasmachine. Eenmaal opgehaald, wordt hij op ijs gelegd. Als de kabeljauw in het begin van de vistrip is gevangen, dan kan dat oplopen tot tien dagen. Op het randje dus.

FILETS SNELLER SLECHT
Eenmaal 'geland', passeert uw 'verse' vis nog verschillende stations voor hij op uw bord ligt. Van de boot gaat het naar naar de veiling, vandaar naar de groothandel, de fileerderij en de detailhandel. Bij elke stap is er het risico dat de koelketen wordt onderbroken. We zijn ondertussen alweer een tijdje verder. En de vraag die u zich hier moet stellen is eigenlijk: "Stel dat u zelf een vis aan de haak slaat. Met hoeveel enthousiasme gooit u die nog in de pan als die 9 tot 12 dagen in de koelkast heeft gelegen?" De situatie is vergelijkbaar. Daar komt bij dat gefileerde vis sneller bederft dan hele vis, en de meeste consumenten willen filets.

DIEPGEVROREN IS HET BEST
Scenario drie: een op zee diepgevroren vis. Rond diepvries hangt nog steeds een stigma, maar wat de meeste vis betreft, kunnen we formeel stellen dat dit uw beste optie is. De vis wordt doorgaans binnen de twee uur na vangst ingevroren tot -50 graden. Dat zorgt er ook nog eens voor dat de meeste parasieten in de vis sterven. Op zee ingevroren vis kan tot twee jaar een uitstekende kwaliteit behouden.

RIGOR MORTIS
In tegenstelling tot wat we denken, mag je vis ook niet té vers eten. Net zoals bij mensen treedt bij vis rigor mortis (lijkstijfheid) op van het moment dat hij sterft. De actine en myosine filamenten van de spieren schuiven in elkaar, en dat maakt de vis taai. Het duurt tussen acht en 24 uur bij de meeste vissoorten voor dat effect weg is. Pas dan beginnen de enzymen in de vis de proteïnen af te breken waardoor de aminozuren vrijkomen die de smaak geven waar we dol op zijn.

Aminozuren zijn de bouwblokjes van proteïne. Ongeveer de helft van de voor de mens essentiële aminozuren kan ons lichaam niet zelf aanmaken. Die moeten we uit voedsel halen. Zeevis is erg rijk aan aminozuren om te kunnen overleven in zout water.

Het aminozuur glycine bijvoorbeeld is wat kreeft en andere schaaldieren hun bijzonder smaak geeft. Glutaminezuur is een ander aminozuur dat zeedieren bijzonder lekker maakt. Het is ook excitatoir, wat wil zeggen dat het als neurotransmitter stimulerend werkt op onze zenuwcellen, in het bijzonder die in de hersenschors. Of: het is één van die dingen in vis die je hersenen beter doen werken.
 

 
  --------------------
24 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

De walvisvangst: barbaars, meedogenloos en hypocriet

De walvisvangst is altijd al omstreden geweest en beroert nog steeds de gemoederen. Voorstanders roemen de kwaliteiten van het walvisvlees en beroepen zich vaak op een leugentje om bestwil om de meedogenloze vangst in stand te houden. Hevige tegenstanders willen liever vandaag dan morgen een halt toeroepen aan het verschrikkelijke bloedvergieten. Wanneer is de mens eigenlijk begonnen met de onnavolgbare uitroeiing van miljoenen zeezoogdieren en nog belangrijker wanneer zal de jacht eindelijk eindigen?

Walvissen werden al eeuwen gevangen, meestal door kleine gemeenschappen zoals de Inuit die de producten afkomstig van deze dieren louter gebruikten om in hun eigen behoeften te voorzien. De impact op de populatie walvissen was minimaal. Daar kwam echter verandering in toen de commerciële walvisvangst van start ging op het moment dat de Basken massaal de jacht openden op de gracieuze dieren in de golf van Biskaje in de twaalfde eeuw. De Baskische bevolking ondervond dat er geld te verdienen viel met een divers productaanbod zoals walvisvlees en walvisolie voor verlichting en balein. De walvisvangst ontwikkelde zich op die manier tot een commerciële business die significante winsten opleverde.

WALVISVET IS VLOEIBAAR GOUD
Voor de ontdekking van petroleum was walvisolie immers een kostbaar en zeer waardevol goedje. Straten en huizen in Europa en Noord-Amerika werden ermee verlicht. De walvisolie werd verkregen door de speklaag van het dier af te snijden en vervolgens te koken. Deze grondstof werd ook verwerkt tot zeep, margarine en werd gebruikt om leer soepel te houden. Balein (de lange hoornplaten in de bek van sommige walvissoorten) kon in allerlei vormen worden geperst als het in water werd verhit. Bekende toepassingen van balein waren dozen, meshandvaten, maatstokken, paraplu's, waaiers, schilderijlijsten en medische instrumenten. Het kwam ook van pas ter versteviging van korsetten en hoepelrokken.

HEVIGE CONCURRENTIE
Na talrijke Europese oorlogen kwam aan de Baskische suprematie een einde, maar elders namen andere regio's met dank die plaats in. Na de ontdekking van Spitsbergen en Groenland met hun walvisrijke wateren sprongen ook de Nederlanders op de kar aan het begin van de 17de eeuw. De Engelsen, Duitsers, Denen, Fransen en Amerikanen volgden hun voorbeeld. Door de massale slachtingen werden de walvissen al snel schaarser en moesten de walvisvaarders uitwijken naar meer ontoegankelijke oorden in de omgeving van het Noordpoolgebied.

ROOD VAN HET BLOED
De eerste kolonisten in Zuid-Afrika, Nieuw-Zeeland en Australië konden hun geluk niet op. De zeeën leken daar nog vol te zitten met walvissen. Nergens waren de dieren nu nog veilig. Zelfs moeders met kalfjes moesten eraan geloven in de nietstontziende jacht op winst van de walvisvaarders. De oceanen zagen rood van het bloed. De gevolgen konden niet anders dan desastreus zijn voor de reuzen van de zee. Er waren gewoonweg niet genoeg walvissen meer om de jacht winstgevend te houden. Wanneer werd de wereld wakker?

MORATORIUM
De internationale gemeenschap verbood de commerciële vangst van de Groenlandse walvis in 1931 als een eerste stap. Vervolgens richtten de landen die meededen aan de walvisvaart in 1946 de Internationale Walvisvaartcommissie (IWC) op. Hierin spraken ze af hoeveel walvissen gevangen mochten worden. Pas in 1982 werd door de IWC besloten om vanaf 1986 een moratorium, een tijdelijk verbod, in te stellen op de commerciële jacht.

LACUNES
Maar de jacht op walvissen voor wetenschappelijke doeleinden werd echter niet verboden met de komst van het moratorium en daar maakten Japan en IJsland handig gebruik van. Noorwegen erkende het besluit van het IWC gewoonweg niet en bleef ook doorgaan met het slachten van de dieren. Sinds 1986 werden al meer dan 25.000 walvissen de dood ingejaagd ondanks het bestaan van het moratorium.

CAMPAGNE
De walvisvaart is nu nog vaak het onderwerp van een politiek debat. Groot-Brittannië, Australië en Nieuw-Zeeland zijn hevige voorstanders van een totaal verbod. Daar tegenover staan Japan, Noorwegen en IJsland die nog steeds ijveren voor het opheffen van het moratorium. Japan heeft al die tijd al sterk campagne gevoerd in binnen- en buitenland. De walvisindustrie koopt om de haverklap advertentieruimte in kranten om het walvisvlees blijvend in de belangstelling de houden.

ETEN JAPANNERS WALVISVLEES?
De vraag mag echter gesteld worden of de Japanse bevolking wel vragende partij is om het vlees te nuttigen. Een enquête van de krant Asahi Shimbun in 2002 wees immers uit dat slechts 4 procent van de respondenten regelmatig walvisvlees at, 53 procent had het niet meer gegeten sinds de schooltijd en 33 procent had het nog nooit geproefd. De Japanse walvisvaart wil de bevolking terug zin doen krijgen in wavisvlees door de creatie van allerlei innovatieve producten. Walvisburgers en ijsjes van walvisvet moeten de jeugd overtuigen. De industrie sponsort eveneens het walvisvlees op Japanse scholen in de hoop dat de kleintjes weer vertrouwd geraken met deze zogezegde lekkernij.

VLEES VAN DOLFIJNEN
Walvisjagers viseren niet enkel de giganten van de zee, ook ontelbare kleinere zoogdieren zoals dolfijnen zijn hun slachtoffer. Jaarlijks worden er duizenden gedood omdat ze niet beschermd worden door het moratorium van de IWC dat enkel voor walvissen geldt. Het zal niet verbazen dat Japan zich ook dit keer van zijn allerslechtste kant laat zien door elk jaar 20.000 dolfijnen de dood in te jagen. Bovendien worden consumenten vaak misleid doordat het vlees van dolfijnen in winkels het etiket 'walvisvlees' krijgt opgeplakt.

TOEKOMST
De Internationale Walvisvaartcommissie is eigenlijk een organisatie die helemaal niet is geëvolueerd. Toen het IWC werd opgericht in 1946 voldeed de organisatie aan de standaarden, waarden en de kennis van die tijd. Vandaag worden zowel de voorstanders als de tegenstanders geconfronteerd met een log instituut. Als de organisatie zou overgoten worden met een modern sausje, zou de walvisvaartcommissie al heel wat slagvaardiger uit de hoek kunnen komen. Strafmaatregelen tegen landen die de afspraken met de voeten treden, zouden eindelijk ingevoerd kunnen worden zoals dat ook het geval is met andere internationale akkoorden. De jacht op walvissen voor wetenschappelijke doeleinden zou door een ethisch panel kunnen gesuperviseerd worden en het vlees afkomstig van zulke vangst zou niet mogen verkocht worden. Bovendien zou het moratorium dan kunnen uitgebreid worden naar alle zeezoogdieren.

WIE WIN HET PLEIT?
Wetende dat wijzigingen aan de basisregels van het IWC enkel kunnen doorgevoerd worden na het bereiken van unanimiteit, dwingt ons tot het besef dat veranderingen ten goede niet snel te verwachten zijn. Japan en Noorwegen hebben trouwens de gewoonte om de armere landen die in de Walvisvaartcommissie zetelen om te kopen om zo meer stemmen te winnen voor de opheffing van het moratorium. De integriteit van het IWC wordt zo volledig ondermijnd. Hoe kan een organisatie die slecht functioneert, instaan voor de bescherming van walvissen en dolfijnen? De komende jaren zullen uitwijzen of de walvisvaarders dan wel de beschermers van de zeezoogdieren het pleit zullen winnen. De strijd is nog bijlange niet gestreden.
 

 
  --------------------
19 februari
Nieuws:
(bron) sportvisserij nederland

GEMEENTERAADSVERKIEZINGEN 2010: WEET WAAROP JE STEMT!

Met de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart in het vooruitzicht, zou ik graag een dringende oproep willen doen aan alle stemgerechtigde sportvissers in Nederland. In de eerste plaats om gebruik te maken van uw stemrecht, maar bovenal om zo goed mogelijk na te gaan hoe de partij waarop u wilt stemmen tegenover de hengelsport staat.

GROTE INVLOED
Gemeentelijk beleid kan grote invloed hebben op uw visplezier, vaak nog groter dan landelijk beleid. De gemeenteraad beslist over hele praktische zaken waar de hengelsport voordeel of juist nadeel bij kan hebben. Denk bijvoorbeeld aan het al dan niet toestaan van Actief Biologisch Beheer (ABB) waarbij hele bestanden brasem en karper worden geruimd, maar ook aan subsidies voor de aanleg van vissteigers of de uitkoop van beroepsvissers. Hele tastbare zaken dus.

WEET WAT U STEMT
Misschien weet u al hoe de verschillende partijen in uw gemeente over de hengelsport denken, dan is de keuze makkelijk gemaakt. Heeft u echter geen idee waar uw hobby in goede handen is, dan weten ze dat bij uw hengelsportvereniging mogelijk wel. Mocht uw vereniging ook niet weten hoe de verschillende partijen tegenover onze hobby staan, dan kunt u natuurlijk ook zelf navraag doen. Simpelweg even bellen of mailen naar de partij van uw keuze en dan de voor u relevante vragen stellen. Telefoonnummers en e-mailadressen vindt u op de website van uw gemeente.

Interessante vragen zijn onder meer hoe de betreffende partij tegenover ABB, vislessen op school en natuurlijk of u erop kunt vertrouwen dat deze partij voor de algemene belangen van de sportvissers zal opkomen.

DEEL UW KENNIS
Om zo gunstig mogelijke uitslag voor de hengelsport te behalen, is het van groot belang dat de standpunten van de verschillende partijen zo breed mogelijk bekend worden onder alle sportvissers in uw gemeente. Verzamel daarom zoveel mogelijk kennis over de standpunten die de hengelsport raken en maak deze bekend via de website van uw vereniging, op deze website of via de lokale media.

NOG BIJNA TWEE WEKEN
Het lijkt misschien kortdag, maar u hebt nog bijna twee weken om te achterhalen hoe de lokale politiek over uw hobby denkt. Als genoeg sportvissers op zoektocht gaan naar standpunten en deze zo goed mogelijk verspreiden, moeten we als hengelsport een verschil kunnen maken tijdens de gemeenteraadsverkiezingen.

VOOR JE BELANGEN OPKOMEN DOE JE ZO
Achterhaal wat de standpunten zijn van de voor u relevante partijen (dit kan via uw vereniging en via de partijen zelf)
Kijk of andere partijen uw sportvisbelangen wellicht beter verdedigen
Verwoord deze standpunten kort en krachtig
Maak deze standpunten onder zoveel mogelijk sportvissers bekend, o.a. via de website van uw vereniging, deze website en lokale media.

TOT SLOT
Natuurlijk spelen er altijd meerdere onderwerpen een rol bij de keuze voor uw politieke partij. Het zou echter jammer zijn als u er achteraf achter komt dat uw stem bijdraagt aan een verslechtering van uw sportvismogelijkheden. Weet daarom waarop u stemt!
 

 
  --------------------
8 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

Zwarte kabeljauw, de Russische maffia en elektroshocks

VoorWetenschappers pleiten er al jaren voor om een moratorium in te stellen op de vangst van kabeljauw in de Noordzee. Tenzij we de kabeljauw een aantal jaren rust geven om te herstellen - naar 440.000 ton hebben ze uitgerekend - is het over enkele jaren gedaan met de culinaire lieveling in de Noordzee. Nu wordt de biomassa van kabeljauw in de Noordzee geschat op 40 à 45.000 ton. Voor de industriële revolutie zwom in de Noordzee naar schatting 7,7 miljoen ton kabeljauw rond. Aan het einde van de 18de eeuw was de kabeljauw die vissers bovenhaalden gemiddeld een meter lang.

Europese politici hebben tot nu toe niet de moed kunnen opbrengen om een moratorium in te stellen op kabeljauw. Nochtans slagen vissers er al sinds 1987 niet meer in om de opgelegde en steeds kleiner worden quota te halen. Er zit niet eens genoeg kabeljauw meer in de Noordzee daarvoor. De helft wordt trouwens per ongeluk gevangen, door vissers die uit zijn op haring en schelvis.

Te jong
De Europeanen zijn koppig de fouten die in Canada werden gemaakt aan het herhalen. Daar verdween kabeljauw in 1992, en hij is niet teruggekomen. In de Barentszee, de enige plaats waar nog behoorlijk wat kabeljauw zit, blijven ze tijdens het broedseizoen gewoon doorgaan met erop te vissen. Daardoor verdwijnt jongvolwassen kabeljauw uit de zee voor hij de kans heeft om zich voort te planten.

Zwarte kabeljauw
Voeg daar te hoge en electoraal gemotiveerde quota aan toe. En vissers die de quota sowieso aan hun laars lappen en wat ze te veel binnenhalen in het zwart verkopen. Er bestaat daar een systeem voor: de vissersboten worden op zee tegemoet gevaren door speciale schepen die de 'zwarte' kabeljauw afnemen, zodat de schipper met een vangst binnen de quota kan binnenvaren. De zwarte kabeljauw verdwijnt via ondermeer Rusland, waar hij wit gemaakt wordt. Zowat een vijfde tot een derde van alle kabeljauw die in Europa op een bord belandt, is illegaal gevangen in de Barentszee.

Het is big business en de Russische maffia heeft er een hand in. Op de Barentszee dragen vissers zelfs wapens. Volgens de Noren zijn er meer dan honderd van die rendezvousboten actief. Als ze ontdekt worden, varen ze gewoon naar een Russische haven.

Romantici met haken
Er zijn nog twee plaatsen waar kabeljauw zit: de Faroëreilanden en IJsland. In de Faroër beweren ze dat ze bewust omgaan met de kabeljauwvoorraad: "Wij gebruiken geen sleepnetten, we slaan ze
aan de haak zoals we dat al eeuwen doen." Het klinkt romantisch. Wat de vissers op de Faroër er niet bijzeggen, is dat het gaat om vislijnen die kilometers lang zijn en waar telkens duizenden haken aanhangen. Het resultaat is navenant, ze vangen nog amper een derde van dertig jaar geleden. En het gaat snel bergaf. Het parlement van de Deense eilandengroep laat vissers toe elk jaar eenderde van de biomassa aan kabeljauw te vangen, een quotum dat ver boven een duurzaam ligt.

Schip ellentrik
IJsland manifesteert zich naar andere landen toe als een verantwoorde vissersnatie. Het beschermt zijn visbestand, en laat geen andere landen toe binnen 200 mijl, al sinds 1975. De bedoeling was het kabeljauwbestand te beschermen. In nog geen twintig jaar daalde het in die bewuste zone met meer dan de helft. De IJslanders waren hun eigen wateren gewoon aan het leegvissen. Sindsdien worden er strenge quota gesteld, maar dat werkt niet. Het bestand blijft dalen.

De IJslanders zijn dan maar overgeschakeld op een andere politiek. Het land is binnen de visserijwereld nu notoir voor zijn gulzige supertrawlers die de hele wereld afstropen. Ze hebben het sleepnet een stapje verder genomen: ze zijn uitgerust met "electric beams", die terwijl ze de oceaanbodem doorploegen nog wat elektrische schokken geven. Dat breekt de ruggegraat van de bodembewoners en maakt het naar verluidt zoveel makkelijker om ze boven te halen. (mvl)

 

 
  --------------------
8 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

"Het is allemaal de schuld van die smerige zeehonden"

Zeehonden zijn de favoriete zwarte schapen van vissers. Of het nu Down Under, in Noord-Amerika of in Europa was: we kregen altijd wel te horen dat zeehonden verantwoordelijk zijn voor het verdwijnen van vis.

Toeristische attractie
Noorwegen is het vierde land waar de zeehondenjacht is geïnstitutionaliseerd. Net als in Canada krijgen zowel jagers als verwerkers van zeehondenproducten daar subsidies. In 2005 lanceerden de Noren zelfs een initiatief om van de zeehondenjacht een toeristische attractie te maken. Het aantal gedode zeehonden in het Scandinavische land schommelt enorm van jaar tot jaar. In 2005 piekte de jacht met 21.597 dieren, in 2008 waren het amper 1.260.

Poetin zegt njet
Ook de Russen kloppen graag op zeehonden, maar niemand heeft eigenlijk een idee van hoeveel ze er doden. 35.000 is een cijfer dat vaak terugkomt. In 2000 stemde het Russisch parlement met 273
tegen 1 om een de jacht op zeehonden te verbieden. President Vladimir Poetin stelde echter zijn veto.

"Vroeger kreeg je er geld voor,
nu draaien ze je in de bak"
Het valt niet te ontkennen dat zeehonden veel vis eten. En dat zien vissers niet graag. Volgens de vissers zijn zeehonden ook verspillers: vaak nemen ze gewoon één grote hap van een vis, bij voorkeur uit een stuk buik waar er geen graten zijn. "Toen ik klein was, probeerden we zeehonden te vangen en dan sneden we hun neus af. Per neus kregen we 5 dollar", verhaalt Rich Arnold, een ondertussen gepensioneerde visser uit Gloucester in New England, één van de belangrijkste maar in verval geraakte vissershavens aan de Noord-Amerikaanse Atlantische kust. "Als je dat vandaag de dag zou doen hier in de States, draaien ze je waarschijnlijk in de bak."

Laat de haaien er op los
Arnold vindt dat het beschermen van die "smerige beesten één van de grootste stommiteiten ooit" is. Zoals de meeste Amerikaanse en Canadese vissers die we spraken, gelooft hij dat de zeehond één van de voornaamste redenen is waarom sinds begin jaren negentig de visserij aan de Amerikaanse en Canadese kant van de Noord-Atlantische Oceaan is ingestort. "Hier is het zelfs zo erg dat er een wet is dat je ze op het strand moet gerust laten", mijmert hij. "Het beste wat we kunnen hopen is dat de grote witte haaien ze hier vinden. Dan zijn we er vanaf en dat spektakel trekt misschien nog wat toeristen."

Wormen à gogo
En dan zijn er de wormen. In veel visfabrieken waar ze verse kabeljauw fileren doen ze dat op glazen tafels, met daaronder felle lampen. Zo zien de visverwerkers beter de wormen in de vis, die ze er vervolgens met pincetten uithalen. Die wormen zijn ondermeer parasieten die in zeehonden leven. Hoe meer zeehonden, hoe meer wormen in de vis redeneert de visindustrie.

"Ze vreten echt alles"
Ken Frank is kabeljauwspecialist bij het Bedford Institute in Dartmouth (Nova Scotia). Hij is formeel: "Zeehonden zijn geen kabeljauweters. Hun dieet is ingesteld op vetrijke soorten zoals haring, makreel en zeepaling", zegt hij. "Dat is met kabeljauw wel anders. Dat zijn bodemvissen én echte varkens. Die vreten echt alles. We hebben de zotste dingen in hun maag gevonden. Jesus, in kabeljauwlever zitten vaak meer wormen dan iets anders. Dat komt omdat ze zoveel uitwerpselen van zeehonden eten."

"Zeehonden jagen kabeljauw niet weg, dat doen mensen. En als de apex-predator verdwijnt wordt zijn plaats ingenomen door kleinere vissen zoals haring, makreel en zeepaling. Daar zijn zeehonden wel tuk op, dus het is logisch dat ze opduiken op plaatsen waar kabeljauw verdwijnt."

Jaws
Ook dat van die haaien vindt hij maar onzin. "Die mannen hebben Jaws niet gezien zeker? Welke toerist gaat hier nog pootje baden als er great whites voor de kust patrouilleren?"

Global warming
Er blijken nog een aantal dingen niet te kloppen. Zoals de fameuze "explosie" van het aantal zeehonden waar de vissers het over hebben. Er zijn nu 70 procent minder zeehonden in de Atlantische Oceaan en de poolgebieden dan honderd jaar geleden. Bedreigd kan je phoca groenlandica voorlopig nochtans moeilijk noemen. Naargelang de bron zijn er nog twee à zes miljoen. Probleem is dat het de jongste jaren pijlsnel bergaf gaat met de populatie. De zeehonden zijn immers bij de voornaamste slachtoffers van global warming.

Warmere winters leiden immers tot minder en dunner ijs. Het ijs waarop de pups geboren worden, smelt ook vroeger, vaak voordat de zeehodjes leren zwemmen en daardoor verdrinken ze massaal. Een ander probleem is vervuiling. Zeezoogdieren slaan schadelijke stoffen zoals PCB's op in hun vetlaag. De concentratie daarvan hoopt in die mate op dat de dieren zich bijvoorbeeld moeilijker kunnen voortplanten.

Nog eens min 70 procent?
Ondertussen blijft de zeehondenjacht de grootste jacht op zeezoogdieren ter wereld. Samen met de effecten van vervuiling en global warming maakt dat volgens de IFAW (International Fund for
Animal Welfare) dat de zeehondenpopulatie nog eens 70 procent zal afnemen in de komende 15 jaar.

De Canadees snapt het niet
Het rapport, waaraan een legertje gereputeerde marinebiologen meewerkten, werd gepresenteerd aan de Canadese premier en de Minister van Visserij en de Oceanen. Die het simpelweg naast zich
neerlegden. Uit electoraal belang waarschijnlijk, want veel Canadezen snappen totaal niet wat de rest van de wereld toch zo storend vindt aan de jaarlijkse slachtpartij. HLN.BE heeft al anderhalf jaar een redactie in Montreal en kan er over meepraten.

Ze zweren bij het idee dat de jacht nodig is, gewoon om de zeehondenpopulatie in toom te houden, want voor de doorsnee Canadees staat een overschot aan zeehonden gelijk aan een tekort aan vis.

"Kan niet"
"Ongebreidelde groei van populaties is technisch gezien mogelijk, maar dat is theorie. Het komt het in de natuur nooit voor omdat dieren worden geconfronteerd op een bepaald moment met beperkte bronnen, zowel qua voedsel als qua levensruimte. De enige schuldige aan de lage visstand is de mens", vertelde Daniel Pauly van de Universiteit van British Columbia in Vancouver ons toen we hem met het vraagstuk confronteerden. Pauly runt het wereldvermaarde
Fisheries Centre.

Brutaal
Naast het effect dat de zeehondenjacht heeft op de toekomst van de soort, kunnen er toch ook een aantal ethische vragen gesteld worden over de brutale manier waarop die jacht gebeurt. Dat is niet meteen iets waarmee we ons als mensheid anno 2010 willen associëren. We kennen allemaal de beelden van het doodknuppelen.

Een onafhankelijk team van dierenartsen volgde een seizoen lang de slachtpartij in opdracht van zowaar de Canadese overheid. Wat ze vaststelden: 79 procent van de jagers nam niet de moeite om vast te stellen of een dier dood was voor ze het gingen villen.

In 40 procent van de gevallen moest een jager de zeehond nog een keer slaan, waarschijnlijk omdat het na de eerste klap of het eerste schot nog bij bewustzijn was. Bij 42 procent van de dieren troffen de artsen geen of slechts heel geringe scheuren in de schedel aan. Dat duidt erop dat ze hoogstwaarschijnlijk nog bij bewustzijn waren toen ze werden gevild.

Onaanvaardbaar
In het rapport vinden we ook terug dat er dieren aan pikhaken worden geslagen en nog bij bewustzijn over het ijs worden gesleept. Sommige van deze dieren leven zelfs nog als ze aan boord van de schepen worden getrokken.

Het is duidelijk: los van de al dan niet noodzakelijkheid, de zeehondenjacht in zijn huidige vorm leidt tot aanzienlijk en onaanvaardbaar dierenleed. Hoe je het ook bekijkt. (mvl)

 

 
  --------------------
6 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

Chinezen eten in 20 jaar vijf keer meer vis

Voor wie er nog moest aan twijfelen: vis voor consumptie is very big business. Wereldwijd stelt de visserijsector 200 miljoen mensen tewerk. 2,6 miljard consumenten halen bijna 20 procent van hun behoefte aan proteïne uit het eten van vis en schaaldieren. We eten ook steeds meer zeeproducten: 70 procent meer dan de vorige generatie. Wereldwijd is de consumptie de afgelopen dertig jaar zelfs meer dan verdubbeld.

Van 5 naar 25 kilo
China spant de kroon. Daar is de consumptie vervijfvoudigd. Ongeveer 400 miljoen Chinezen wonen in de buurt van de kust. Hun welvaart is spectaculair toegenomen de jongste jaren, iets wat zich weerspiegelt in hun visverbruik. In 1980 at de gemiddelde Chinees 5 kilo zeevis per jaar. In 2000 was dat al 25 kilo per Chinees.

Zelfs als die toename in consumptie per capita nu zou stoppen - en niks wijst daarop - dan zou dat nog betekenen dat in 2020 de Chinezen alleen al 37 miljoen ton zeevis per jaar zouden eten. Momenteel bedraagt de wereldwijde vangst en kweek van zeevis 140 miljoen ton. Een cijfer dat naar verwachting tegen 2020 zal dalen met tenminste 10 procent.

 
 
  --------------------
6 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

De vis die u ziet is niet de vis die u eet

De visserij en aansluitend de horeca - verrassend cijfer: 68 procent van de vis die we consumeren, eten we op restaurant - hebben altijd al mooi misbruik gemaakt van onze povere kennis van de zee en haar bewoners. Wat u koopt of bestelt is erg vaak niet wat u vermoedt dat op uw bord belandt.

Pangasius wordt massaal verkocht als kabeljauw. Afgelopen zomer werd in Londen de proef op de som genomen. 14 van de 56 als niet in korst klaargemaakte kabeljauw bleken in feite schotels met pangasiusfilets te zijn.

Bij als gepaneerde kabeljauw verkochte schotels bleek de zaak nog veel erger te zijn. Eén onderzoek vond dat in 37 procent van de gevallen de vis in het krokante jasje helemaal geen kabeljauw was. In de meeste gevallen was het pangasius, in sommige gevallen tilapia (een Chinese variant) en verder koolvis en heek. Een andere steekproef kwam uit op fraude in 25 procent van de gevallen.

Het vaste vlees van de zeeduivel lijkt qua textuur en uitzicht op kreeft, maar is veel goedkoper. Stukjes zeeduivel eindigen dan ook vaak als kreeft in bereide gerechten, zoals pasta's en vispannetjes. Neem één van de absolute lievelingen: kabeljauw. Wat u in de horeca daarvoor krijgt is vaak schelvis (haddock), wijting, heek (merluza) of koolvis (pollak). Recente studies zijn er niet, wel eentje uit het midden van de jaren negentig, toen dat in 15 procent van de gevallen zo bleek te zijn.

Pangasius, de lucratieve zwendel
Dat percentage is de jongste jaren fors gestegen, en wel door de invasie van de pangasius. De pangasius is een zoetwatervis uit de familie van de reuzenmeervallen. Hij kan 3 meter lang worden. De vis wordt tegenwoordig massaal gekweekt, vooral in de Vietnamese Mekongdelta. In 2008 eindigde meer dan de helft van de 600.000 ton "geoogste" pangasius in West-Europa. Hij begint steeds meer op te duiken in het vriesvak van uw warenhuis of vishandel, maar dat is niet de voornaamste reden van dit succes.

Pangasius wordt massaal verkocht als kabeljauw. Afgelopen zomer werd in Londen de proef op de som genomen. 14 van de 56 als niet in korst klaargemaakte kabeljauw bleken in feite schotels met pangasiusfilets te zijn. Engeland is het kabeljauwland par excellence. Niemand eet meer kabeljauw dan de Britten. Een lucratieve zwendel dus, want pangasius is drie à vier keer goedkoper om in te kopen dan kabeljauw.

Een krokant jasje verbergt alles
Bij als gepaneerde kabeljauw verkochte schotels bleek de zaak nog veel erger te zijn. Eén onderzoek vond dat in 37 procent van de gevallen de vis in het krokante jasje helemaal geen kabeljauw was. In de meeste gevallen was het pangasius, in sommige gevallen tilapia (een Chinese variant) en verder koolvis en heek. Een andere steekproef kwam uit op fraude in 25 procent van de gevallen.

Culinaire geesten onder u zullen nu meewarig het hoofd schudden. Hoe is dat mogelijk? Pangasius is helemaal geen familie van kabeljauw. Het is een tropische zoutwatervis, heeft een andere textuur. Het enige dat de vissen met elkaar gemeen hebben is dat eens gekookt hun vlees wit is.

Vertrouw uw ogen niet
Experimenten verklaren hoe het kan. Zo blijkt dat drie op vier mensen klaargemaakte kabeljauw, koolvis, pangasius en schelvis niet uit elkaar kennen. De vier soorten werden op dezelfde manier geprepareerd (gestoomd), kregen op hun bord dezelfde garnituur en saus en slechts één op vier bij de 150 testpersonen slaagden er in de kabeljauw er uit te pikken.

Zander = snoek = groene baars = meerbaars = mosbaars = forel
De dingen veel namen geven, is overigens een handige manier om consumenten zand in de ogen te strooien. De breedbekbaars staat ook te boek als groene baars, meerbaars, mosbaars. Wat u in de helft van de gevallen op uw bord krijgt wanneer u het bestelt, is zander (wat dan eigenlijk snoekbaars is) en in sommige gevallen zelfs forel. Tonijn, als steak, blijkt vaak gefileerde haai te zijn.

Wild is een kwestie van interpretatie
Een andere vorm van wijdverspreid bedrog heeft te maken met gekweekte versus wild gevangen vis. Neem zalm. Tenzij er bijzonder expliciet op de verpakking staat vermeld waar de zalm gevangen is, kan u ervan uitgaan dat het gaat om zalm van een visboerderij. Het label "wild salmon" blijkt een kwestie van interpretatie te zijn. "Een grote kooi in de oceaan, tja, 't is wel een kooi maar het water dat er doorstroomt is hetzelfde als dat van de 'wilde' oceaan, en eigenlijk zwemmen die vissen dus in de zee. En zijn dus wild." Om maar één voorbeeld te geven van een redenering waarmee je in deze tijd makkelijk overeind kan blijven in een rechtbank.

Harrod's
En zelfs wanneer de details op de verpakking of bij de uitgestalde zalm staan, wordt u in één op vijf gevallen gerold. Dat bleek uit DNA-tests van zalm die gekocht werd bij 128 West-Europese supermarktketens. Zelfs de gourmetafdeling van het prestigieuze Harrods liep tegen de lamp. "Een vergissing bij het labelen van een slordige winkelbediende", luidde het excuus.

Sushi
The Chicago Sun-Times liet in de thuisstad van Obama DNA-sampels nemen in de 14 beste sushi-restaurants. Daaruit bleek dat de gegeerde rode snapper in vier gevallen goudbrasem was en in de tien andere gevallen de goedkope Chinese kweekvis tilapia, een soort die zo tsjokvol hormonen, antibiotica en andere viezigheid zit, dat je er niet zou aan denken ze rauw te eten.

De duivel in de kreeftensoep
Zeeduivel (wat hetzelfde is als lotte, staartvis en hozemond) staat in New England bekend als "the poor man's lobster" (kreeft voor de armen) en dat nemen restaurateurs al te vaak letterlijk. Het vaste vlees van dit vreselijk lelijke beest lijkt qua textuur en uitzicht op kreeft, maar is veel goedkoper. Stukjes zeeduivel eindigen dan ook vaak als kreeft in bereide gerechten, zoals pasta's en vispannetjes

 
 
  --------------------
6 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

Bijvangst, een mooi woord voor de grootste verspilling op aarde

Elk jaar verdwijnt 35 procent van de visvangst, zo'n 49 miljoen ton, gewoon overboord. Die 35 procent is een cijfer van de visserij zelf. In werkelijkheid gaat het om veel meer.

In de Beringzee tussen Alaska en Rusland gaan jaarlijks 16 miljoen rode koningskrabben verloren wegens te klein om te verkopen. Dat is vijf keer meer dan het aantal red king crabs dat uiteindelijk de markt haalt.

Bij de garnalenvangst in de Golf van Mexico, die nog goed is voor ongeveer 2,5 procent van de wereldwijde garnalenvisserij, wordt elk jaar 30 miljard kilo vis overboord gekieperd. 90 procent daarvan is dood.

Steve Branstetter van de National Marine Fisheries Service (NMFS) berekende dat jonge rode snapper, een culinair modieuze en gegeerde vis, 0,4 à 0,5 procent uitmaakte van de bijvangst op garnalen. Dat lijkt niks, maar het gaat wel om 25 miljoen stuks. 90 procent van die overboord gegooide dieren overleeft dat niet. Deze vorm van verspilling heet "bijvangst": de vangst van andere vissoorten of dieren waarop niet bedoeld gevist wordt.

Waarom gooien vissers bijvangst overboord? Daar zijn verschillende redenen voor. Omdat de gevangen vissen te klein zijn bijvoorbeeld. Om verkocht te worden, of omdat het gewoon weg niet mag: naast quota op hoeveelheid bestaan er ook regels die verbieden te jonge vissen aan land te brengen.

Een andere reden is puur commercieel: sommige vissoorten zijn moeilijk te verwerken of te verkopen, of ze brengen gewoonweg niet genoeg op.

Veel bijvangst verdwijnt ook in zee omdat de vissers die niet mogen vangen. In die categorie vallen onder meer walvissen, dolfijnen, bruinvissen, zeeschildpadden, albatrossen en bepaalde haaien.

Om een iets concreter idee te geven van de ravage die bijvangst aanricht, enkele concrete voorbeelden. De cijfers komen van de National Oceanic and Atmospheric Administration (NOAA), een Amerikaanse instantie die zich bezighoudt met meteorologie en oceanografie en van de Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO of Food and Agricultural Organization) van de Verenigde Naties.

In de Beringzee tussen Alaska en Rusland gaan jaarlijks 16 miljoen rode koningskrabben verloren wegens te klein om te verkopen. Dat is vijf keer meer dan het aantal red king crabs dat uiteindelijk de markt haalt.

Voor elke 5 kilo garnalen die garnalenvissers binnenbrengen uit de Golf van Mexico, helpen ze 40 à 45 kilo volgens de vissers oninteressante "thrash fish" (minderwaardige vis) om zeep. Voornamelijk rog, aalachtigen, bot, grootbekken, diepzeeroodbaars (die 50 jaar kunnen worden) en schopvis. Daarnaast sterven ook veel zeeschildpadden en haaien in de netten van de garnaalvissers.

Steve Branstetter van de National Marine Fisheries Service (NMFS) berekende dat jonge rode snapper, een culinair modieuze en gegeerde vis, 0,4 à 0,5 procent uitmaakte van de bijvangst op garnalen. Dat lijkt niks, maar het gaat wel om 25 miljoen stuks.

Of om het even anders te schetsen: bij de garnalenvangst in de Golf van Mexico, die nog goed is voor ongeveer 2,5 procent van de wereldwijde garnalenvisserij, wordt elk jaar 30 miljard kilo vis overboord gekieperd. 90 procent daarvan is dood. Veel van het romantische plaatje dat u kreeg te zien over die industrie in de kaskraker Forrest Gump blijft dan niet over.

De tropische garnalenvisserij, waarbij vaak kleinmazige netten worden gebruikt, is een notoire killer. Maar zeker niet de enige. Zo vaarden Amerikaanse waarnemers uit met de 74 schepen tellende Japanse inktvisvloot. Ze telden 7,9 miljoen gevangen inktvissen. En dit ging dood overboord: 82.000 blauwe haaien, 253.000 tonijnen, 10.000 zalmen, 30.000 zeevogels, 52 zeehonden, 22 zeeschildpadden, 141 bruinvissen en 914 dolfijnen

 
 
  --------------------
6 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

Als we zo doorgaan zijn alle oceanen binnen 30 jaar dood

Deze maand neemt Planet Watch u mee op een ontluisterende trip door de oceanen van de wereld. De reeks "Naar het einde van de zee" gaat over de belabberde toestand van onze zeeën en het effect daarvan op ons en onze toekomst. De jongste vijftig jaar is 90 procent van wat door de mens als eetbaar visbestand wordt aangezien gewoonweg verdwenen. Als we doorgaan op het huidige elan met vissen en vervuilen, dan zijn binnen dertig jaar alle oceanen dood.

Aan het opzet is een jaar gewerkt door de Planet Watch-redactie. Het is ons meest ambitieuze project tot nu toe. Het idee voor deze reeks kwam er toen HLN.BE vorig jaar in Montreal samenzat met David Suzuki. Suzuki (74) is een Canadees geneticus, in het wetenschappelijk milieu een begrip voor zijn onderzoek naar genetische mutaties. Hij heeft 22 eredoctoraten achter zijn naam. In 2001 ging hij op pensioen en besloot de rest van zijn leven te wijden aan het milieu. Zijn grootste talent is het begrijpbaar maken van complexe milieuvraagstukken voor een niet wetenschappelijk geschoold publiek.

De juiste man dus om te vragen wat de grootste bedreigingen voor het voortbestaan van de mens zijn. Suzuki kon er wel een paar bedenken, maar wat bovenaan zijn lijstje prijkte, was enigszins verrassend. "We moeten onmiddellijk stoppen met het plunderen van de oceanen. Het is het meest prangende probleem: we zijn er in amper vijftig jaar in geslaagd om 90 procent van de eetbare voorraden in onze zeeën weg te vissen."

Waarom?
Wat het volgens Suzuki ook tot het meest prangende probleem maakte, was het feit dat, in vergelijking met andere bedreigingen - door mensen veroorzaakte global warming om er maar één te noemen - het stoppen van de systematische overbevissing en het vervuilen van de oceanen eigenlijk de simpelste is om op te lossen. "Het is een uitdaging die we perfect aankunnen. Het vraagt alleen een beetje politieke wil en moed." Om zijn punt kracht bij te zetten somde Suzuki een lijstje van acht maatregelen op, die inderdaad haalbaar leken.

Simpel?
Twaalf maanden, duizenden pagina's research, verschillende expedities en tientallen interviews later zijn we niet meer zo zeker dat het allemaal zo simpel is.

Omdat we zelf landwezens zijn, die zoals bijvoorbeeld elke recreatieve duiker weet, niet gemaakt zijn om te overleven in de zee, is het moeilijk voor ons om te beseffen en in te schatten hoe belangrijk de gezondheid en biodiversiteit zijn van het lichaam water dat 71 procent van onze planeet beslaat.

Voeg daar nog aan toe dat de plundering van de biodiversiteit buiten ons zicht gebeurt. En, niet te onderschatten, onze neiging om in eerste instantie ons het lot aan te trekken van soortgenoten: zoogdieren, en bij voorkeur degene die niet al te agressief zijn. De walvis, om er maar één te noemen, zou waarschijnlijk al uitgeroeid zijn ondertussen, ware het niet dat er nog net op tijd gemobiliseerd werd om de soort te redden.

En dan is er dit, misschien wel het allerbelangrijkste obstakel: het is een globaal probleem, terwijl we nog steeds graag de relevantie van onze moeilijkheden inschatten op lokaal, familiair niveau. Zeedieren, maar ook de geïndustrialiseerde visserij, hebben lak aan grenzen, regeringen en andere institutionele indelingen. Het erkennen van globale problemen en een manier vinden om ze aan te pakken is dé uitdaging van de 21ste eeuw. Voorlopig bakken we er weinig van, de uitkomst en het verloop van de klimaatconferentie in Kopenhagen zijn een sprekend voorbeeld daarvan.

Wat u mag verwachten
Desalniettemin zijn er oplossingen en is er hoop. We hebben ons best gedaan om dat aspect in de reeks te verwerken. Maar laten we niet flauw doen: het probleem bestaat en zal niet zomaar weggaan. U krijgt aan de hand van voorbeelden, wetenschappelijke bevindingen en anecdotes een stand van zaken in de verschillende zeeën. De Noordzee en de Middellandse Zee zijn daar bij, maar vormen zeker niet de hoofdmoot. Want wat op uw bord belandt, komt zelden nog uit die zeeën.

Hoe gezond is vis?
De reeks gaat ook dieper in op iets wat u waarschijnlijk niet meteen wil weten: hoe (on)gezond vis op uw bord is en waarom. Dat was niet meteen het opzet, maar we werden er veelvuldig mee geconfronteerd, vooral tijdens ons onderzoek naar gekweekte vis.

Onze haaien
En tenslotte is er dit: HLN.BE koos bij de start van Planet Watch een project dat we steunen, namelijk het tot stand brengen van een groot marinereservaat (600.000 km2) in de Coral Sea, tussen Australië en Papoea-Nieuw-Guinea. We kozen daarvoor omdat het een realiseerbaar, concreet project is. De industriële visvangst is er nog niet van die aard dat een vangstverbod onhaalbaar is. En de Coral Sea is één van de weinige plekken op onze planeet waar de biodiversiteit nog niet extreem is aangetast.

Onze steun vertaalt zich in een aantal concrete projecten. Zo worden met door ons opgebracht geld haaien van computerchips voorzien. De data die dat oplevert, moeten een beter beeld geven van het gedrag van deze magnifieke dieren, onmisbaar in de voedselpiramide van de oceaan en straks waarschijnlijk verdwenen, want gedood à ratio van 150 miljoen per jaar door vissers.

De gegevens zijn ook belangrijk naar de legislatuur toe: beleid wordt niet gevoerd op anecdotes en zeemansverhalen. Politici hebben cijfers nodig. En het lijkt te werken. Australië staat erg dicht bij het uitroepen van de Coral Sea tot beschermd gebied. Toen we in september in Queensland gingen horen bij John Rumney en Richard Fitzpatrick, de bezielers van het project dat HLN.BE steunt, kregen we een uniek aanbod: "Waarom komen jullie niet mee met ons haaien taggen?" Drie maanden later was het zover. Een week lang doken we mee tussen de haaien in de Coral Sea, honderden kilometers van het vasteland. Een verslag van die expeditie leek ons ook thuis te horen in deze reportagereeks
 

 
 
  --------------------
3 februari
Nieuws:
(bron) gva.be

We vernietigen ecosystemen nog voor we ze kennen

Zestig procent van alle ecosystemen op de wereld staat onder druk en 30 procent van alle soorten dreigt uit te sterven.

Er moet meer gebeuren om de biodiversiteit in de wereld te beschermen. Daarover waren regeringsleiders en natuurbeschermers in Parijs het eens, tijdens een internationale conferentie ter gelegenheid van het Jaar van de Biodiversiteit.

Dat er te weinig gebeurt, komt onder meer doordat veel mensen niet weten wat biodiversiteit, verscheidenheid in soorten en ecosystemen, is. Uit een onderzoek in Frankrijk bleek dat 75 procent van de Fransen de betekenis van het woord niet kent.

Bron van leven
"We zijn vergeten dat de natuur de bron van het leven op onze planeet is en dat de natuur de basisinfrastructuur verschaft voor alle economische activiteit en onze cultuur", zei Julia Marton-Lefèvre, algemeen directeur van de Internationale Unie voor Natuurbescherming (IUCN).

Zestig procent van alle ecosystemen op de wereld staat onder druk en 30 procent van alle soorten dreigt uit te sterven.

"Het leven heeft zich in miljarden jaren ontwikkeld en wij zijn onderdeel van die ontwikkeling, we zijn ermee verweven. Maar we begrijpen maar weinig van die realiteit", zei Edward O. Wilson, de eminente tachtigjarige bioloog van de Universiteit van Harvard. "Het zijn de kleine dingen, microscopische dieren zoals nematoden, die werkelijk de baas zijn in de wereld", zei Wilson, die decennia geleden de term biodiversiteit introduceerde.

Overleven
Een theelepel aarde kan miljarden bacteriën bevatten, en misschien wel zesduizend verschillende soorten, en de meeste daarvan zijn onbekend. We weten wel dat elke soort een specifieke functie heeft, zei Wilson, maar meestal niet welke functie.

"Zo zit de wereld in elkaar. We zijn daarvan afhankelijk. De grote tragedie die zich momenteel ontvouwt, is dat door menselijk gedrag ontelbare soorten en ecosystemen vernietigd worden, nog voordat we zelfs weten dat ze bestaan."

Het centrale probleem is volgens de bioloog hoe te overleven en tegelijkertijd het leven van de een miljard armsten in de wereld te verbeteren en de natuur te beschermen. "We weten hoe we dit probleem moeten aanpakken en we hebben de middelen ervoor", hield hij de afgevaardigden voor.

 
 
  --------------------
3 februari
Nieuws:
(bron) gva.be

Na de ruimte wil Richard Branson nu de diepzee in

Na zijn ambitieuze plannen in de ruimte, wil Richard Branson het nu ook in de diepzee wagen. De Britse miljardair heeft een 'onderwatervliegtuig' laten ontwikkelen dat tot 40 meter diep kan duiken. Op termijn hoopt hij 10.000 meter te halen.

Necker Nymph, zo noemt het nieuwste snufje in de collectie van Richard Branson. De baas van Virgin Atlantic betaalde bijna een half miljoen euro voor deze 'duikboot' waarmee je tot 40 meter onder water kan gaan.
Naast de piloot is er plaats voor twee passagiers in de Necker Nymph. Branson zal het vaartuig uitlenen aan bezoekers op zijn luxueus vakantieoord in de Caraïben. Branson wil op termijn tot 10.000 meter diepte halen met zijn toestel. Met Virgin Galactic Airways is de extravagante Brit al bezig om tochtjes in de ruimte mogelijk te maken voor toeristen.

 
 
  --------------------
3 februari
Nieuws:
(bron) gva.be

Lelijkste vis ter wereld wordt met uitsterven bedreigd

De rare blubbervissen (of 'Blobfish') die op grote diepte in de Australische wateren leven, zijn met uitroeiing bedreigd. De rare beestjes raken steeds meer verstrikt in netten van krab- en kreeftvissers.

De vissen die wel gemaakt lijken te zijn van gelatine, worden zo'n 30 centimeter lang en leven op 900 meter diepte. Ze brengen de meeste tijd door met ronddobberen en wachten veelal af tot er 'eten' voorbij komt zwemmen. Deze speciale dieren worden echter zelden waargenomen maar de laatste tijd worden ze vaker gezien doordat ze in de netten van vissers terechtkomen. Het feit dat ze nu meer en meer verstrikt lijken te geraken, kan het einde van de blubbervis betekenen. (hlnsydney/kve)

 
 
  --------------------
3 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

Reuzeninktvissen overspoelen Californische kust

Ontelbare inktvissen met een gewicht van bijna 30 kg bevolken op dit moment de Californische wateren en dit tot groot jolijt van de plaatselijke (sport)vissers.

De eerste grote pijlinktvissen lieten zich vorige week opmerken voor de kust van Newport Beach en werden recent ook al gespot in de buurt van San Diego, Oregon en Washington. De dieren hebben de gewoonte om voedselbronnen te volgen en leggen vaak een hele weg af.

400 stuks
Pijlinktvissen kunnen maximaal 45 kg wegen en ongeveer twee meter groot worden. Vissers hebben sinds het weekend al 400 indrukwekkende exemplaren gevangen.

 
 
  --------------------
1 februari
Nieuws:
(bron) hln.be

Reuzeninktvissen overspoelen Californische kust


Ontelbare inktvissen met een gewicht van bijna 30 kg bevolken op dit moment de Californische wateren en dit tot groot jolijt van de plaatselijke (sport)vissers.

De eerste grote pijlinktvissen lieten zich vorige week opmerken voor de kust van Newport Beach en werden recent ook al gespot in de buurt van San Diego, Oregon en Washington. De dieren hebben de gewoonte om voedselbronnen te volgen en leggen vaak een hele weg af.

400 stuks
Pijlinktvissen kunnen maximaal 45 kg wegen en ongeveer twee meter groot worden. Vissers hebben sinds het weekend al 400 indrukwekkende exemplaren gevangen.
 

 
     





Disclaimer

Ontwerp en onderhoud door Zeevissport vzw     Copyright © 2005 - 2010 Zeevissport vzw.     Alle rechten voor behouden.    Laatst gewijzigd op: 25 feb 2010 20:18