 |
|
 |
|
|
Sportvisserij
Nieuws - Februari 2010
Algemene
nieuwsberichten
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
--------------------
25 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
Pangasius: de waarheid over de wondervis uit het vriesvak
Misschien hebt u
hem al gezien en zelfs gekocht uit het vriesvak van uw supermarkt of
vishandel: de exotische pangasius. Het lijkt op het eerste gezicht een
goeie keuze. Want op grote schaal gekweekt in Aziė, ergo een ethisch
verantwoord alternatief voor het eten van gevangen, bedreigde soorten.
Zo simpel is het echter niet.
Waterkwaliteit is niet echt een punt en je kan heel veel vissen in heel
weinig water kweken. De norm is zowat 150 stuks in een drijvende kooi
van een kubieke meter, en een stuk of tachtig per vierkante meter in een
kunstmatige vijver.
De Mekong is één van de zwaarst vervuilde rivieren ter wereld. De
hoeveelheid arseen in de stroom ligt tot acht keer hoger dan wat de
Wereldgezonheidsorganisatie als veilig acht. In het grondwater is de
concentratie zelfs twintig keer hoger dan veilig. Het gif komt onder
meer van een quasi ongecontroleerd gebruik van pesticiden.
Vrouwelijke pangasius groeit opmerkelijk sneller en legt sneller en meer
eieren wanneer ingespoten met een hormonenextract dat een Chinese firma
produceert uit gedehydrateerde urine van zwangere vrouwen.
Er is ook een soort feodaal systeem ontstaan langs de oevers van de
Mekong, waarbij een arme viskweker het vissenvoer "in bruikleen"
geleverd wordt. De leverancier van het voer neemt na 180 dagen de vissen
af tegen een vergoeding die per persoon neerkomt op ongeveer de
armoedegrens.
Een keer verwerkt, krijgt de pangasiusfilet een injectie met een
pentanatriumtrifosfaatoplossing. Die bedraagt tussen 10 en 20 procent
van het gewicht van de filet. De filet wordt daardoor zwaarder (en
brengt meer op) plus zorgt dat hij langer bewaard kan worden.
De kweek van pangasius heeft sterk bijgedragen tot het verdwijnen van de
populatie van irrawaddydolfijnen (orcaella brevirostris) in de Mekong.
Er zouden er nog hooguit een vijftigtal zijn.
Pangasius is een Vietnamees succesverhaal. 90 procent van alle pangasius
wordt gekweekt in de Mekong-rivierdelta. Het gaat eigenlijk om twee
soorten katvis: tra (pangasianodon hypophthalmus) en basa (pangasius
bocourti). In 1995 bedroeg de 'oogst' 10.000 ton, in 2008 was het al
meer dan 1,1 miljoen ton. Die groei is marktgedreven. Pangasius wordt nu
uitgevoerd naar 130 landen, bijna allemaal in de vorm van witte filets.
80 procent van de export ging naar de VS, maar dat is de jongste jaren
veranderd, en nu is Europa met 35 procent de grootste afnemer, en hangen
de States aan het staartje met amper 4 procent.
Waterkwaliteit is niet zo'n punt
Het succes van pangasius heeft de vis onder meer te danken aan een
fysiologisch kenmerk. Door z'n unieke zwemblaas kan de soort direct
zuurstof halen uit de lucht. Dat betekent dat kwekers niet te veel
moeten wakker liggen van het zuurstofgehalte van het water. Lees:
waterkwaliteit is niet echt een punt en je kan heel veel vissen in heel
weinig water kweken. De norm is zowat 150 stuks in een drijvende kooi
van een kubieke meter, en een stuk of tachtig per vierkante meter in een
kunstmatige vijver.
Poisson poison
De Mekong is één van de zwaarst vervuilde rivieren ter wereld. De
hoeveelheid arseen in de stroom ligt tot acht keer hoger dan wat de
Wereldgezonheidsorganisatie als veilig acht. In het grondwater is de
concentratie zelfs twintig keer hoger dan veilig. Het gif komt onder
meer van een quasi ongecontroleerd gebruik van pesticiden. De impact is
nog niet duidelijk: de effecten van chronische arseenvergiftiging zijn
vaak pas na tien jaar te zien. Daarnaast munt de Mekong uit door de
prominente aanwezigheid van kankerverwekkende PCB's, DDT's, CHL's, HCH's
en HCB's.
De vis-apotheker
Uw pangasiusfilet leeft niet alleen in dat water; het wordt ook gebruikt
om hem in te vriezen. Dat is niet alles. De sjiekste zelfstandingen in
de regio zijn de handelsreizigers die met een koffer vol geneesmiddelen
tegen parasieten in de vis, pre- en antibiotica en nog van dat fraais
aankloppen bij de viskweker. In het assortiment ook steevast trifluralin,
dat met recht en rede in Europa verboden is. Het pesticide excelleert in
zowat alles wat u niet in de buurt van vis voor consumptie wil:
persistent in de bodem en niet gemakkelijk biologisch afbreekbaar en een
hoog potentieel voor bioaccumulatie, met name in waterorganismen. De
viskwekers vinden het echter een doeltreffend middel tegen ongewilde
plantengroei in hun vijvers.
Urine van zwangere vrouwen
Een ander middeltje dat gretig wordt afgenomen: vrouwelijke pangasius
groeit opmerkelijk sneller en legt sneller en meer eieren wanneer
ingespoten met een hormonenextract dat een Chinese firma produceert uit
gedehydrateerde urine van zwangere vrouwen.
De kip en de vis
De pangasius krijgt korrel als eten. Daarin onder meer vismeel (dat komt
uit Zuid-Amerika, waar 90 procent van de ansjovisvangst verwerkt wordt
tot beestenvoeder, maar dat is een ander verhaal), eiwitten van
plantaardige oorsprong zoals soya, maar ook eiwitten van dierlijke
oorsprong en nogal wat pluimen van kippen en andere bijproducten van
gevogelte. Dat laatste kan het risico met zich meebrengen dat het in die
regio gangbare vogelgriepvirus ook in de vissector terecht komt.
Pentanatriumtrifosfaat
Een keer verwerkt, krijgt de pangasiusfilet een injectie met een
pentanatriumtrifosfaatoplossing. Die bedraagt tussen 10 en 20 procent
van het gewicht van de filet. De filet wordt daardoor zwaarder (en
brengt meer op) plus zorgt dat hij langer bewaard kan worden.
Feodaal systeem
Niet dat het de viskwekers echt rijk maakt allemaal. Een maximum
maandinkomen van 50 Amerikaanse dollar is gewoon. Er is ook een soort
feodaal systeem ontstaan langs de oevers van de Mekong, waarbij een arme
viskweker het vissenvoer "in bruikleen" geleverd wordt. De leverancier
van het voer neemt na 180 dagen de vissen af tegen een vergoeding die
per persoon neerkomt op ongeveer de armoedegrens.
Katvis vermoordt dolfijn
De kweek van pangasius heeft sterk bijgedragen tot het verdwijnen van de
populatie van irrawaddydolfijnen (orcaella brevirostris) in de Mekong.
Er zouden er nog hooguit een vijftigtal zijn. De dolfijnen zijn bijna
allemaal gestorven als gevolg van een bacteriėle infectie,
waarschijnlijk afkomstig door aanraking met kweekkooien. Die ziekte is
op zich niet dodelijk, behalve wanneer het immuunstelsel van de dieren
is aangetast. Bij de autopsie troffen onderzoekers toxische niveaus van
pesticiden (vooral DDT) en PCB's aan.
Zwarte markt
Vorig jaar werd in de VS een lading pangasius onderschept van 4.545 ton.
Op de verpakkingen stonden de namen van duurdere vissen zoals tongfilet,
kabeljauw en zeebaars: alles behalve pangasius. Het kopstuk achter de
zwendel werd gepakt en kreeg 63 maanden cel. Maar het zou naļef zijn om
te denken dat deze vangst niet meer dan het topje van de ijsberg was.
En dan is er de strontmond
Tilapia is oorspronkelijk Afrikaans, maar nu wordt hij voornamelijk in
Zuid-China, Indonesiė en Bangladesh gekweekt. De export gaat grotendeels
richting Amerika, maar ook in Europese supermarkten duikt de vis op. Het
grootse probleem met tilapia zijn hormonen. Alleen de mannetjes van de
soort zijn bruikbaar om verwerkt te worden. Dus worden van de vrouwtjes
op jonge leeftijd mannetjes gemaakt. Dat kan door het toedienen van
grote dosissen testosteron. Te veel testosteron kan onder meer leiden
tot borstkanker.
Tilapia wordt ook wel "strontmond" genoemd door z'n kwekers. De vis is
de kampioen in het eten van zijn eigen uitwerspelen; hij consumeert tot
zes keer meer uitwerpselen dan dat hij er zelf produceert.
|
|
|
|
--------------------
24 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
Verse vis, bestaat dat nog?
De overgrote
meerderheid van restaurants, tavernes en fastfoodketens werkt met
ingevroren vis en schaaldieren. En dat is een goede zaak. De vraag die u
zich moet stellen is niet zozeer "hoe vers is mijn vis?" maar "hoe lang
geleden werd mijn vis ontdooid?" De vraag leidt ons ook naar een andere:
hoe gezond is vis nu eigenlijk?
Er zijn drie scenario's voor verse vis. Het eerste is voorbehouden aan
erg weinig consumenten: uw vis komt van een dagboot, die niet langer dan
24 op zee is geweest. Twee problemen. Behalve grijze garnalen is uw keus
bijzonder klein wat betreft dagvangst in onze contreien. En u moet al
bijna de boot opwachten in de haven. Dus, tenzij u een topchef bent met
de juiste connecties (en daar wil voor betalen) of tenzij u aan de kust
woont en veel tijd heeft: schrappen maar.
HOE VETTER, HOE SNELLER BEDORVEN
Het tweede scenario omhelst vis die niet door dagboten is gevangen, maar
door vissers die meerdere dagen op zee blijven. Hoe lang vis vers
blijft, hangt onder meer af van waar die komt. Vissen uit warmere zeeën
en subtropische wateren blijven, wanneer behoorlijk bewaard op ijs, tot
drie weken eetbaar. Rode snapper is een goed voorbeeld. Voor vissen uit
kouder water is een week al heel wat op ijs. Trouwens daar geldt: hoe
vetter de vis, hoe sneller hij bederft. Zalm en makreel bijvoorbeeld.
TOT TIEN DAGEN OP IJS
Tegen de tijd dat zogezegde verse kabeljauw op uw bord belandt, heeft
die al een lange reis achter de rug. Die begint in het net. De vis wordt
vaak urenlang in het net over de bodem gesleept voor de trawler het net
ophaalt. Lees: gekneusd in een onderwaterwasmachine. Eenmaal opgehaald,
wordt hij op ijs gelegd. Als de kabeljauw in het begin van de vistrip is
gevangen, dan kan dat oplopen tot tien dagen. Op het randje dus.
FILETS SNELLER SLECHT
Eenmaal 'geland', passeert uw 'verse' vis nog verschillende stations
voor hij op uw bord ligt. Van de boot gaat het naar naar de veiling,
vandaar naar de groothandel, de fileerderij en de detailhandel. Bij elke
stap is er het risico dat de koelketen wordt onderbroken. We zijn
ondertussen alweer een tijdje verder. En de vraag die u zich hier moet
stellen is eigenlijk: "Stel dat u zelf een vis aan de haak slaat. Met
hoeveel enthousiasme gooit u die nog in de pan als die 9 tot 12 dagen in
de koelkast heeft gelegen?" De situatie is vergelijkbaar. Daar komt bij
dat gefileerde vis sneller bederft dan hele vis, en de meeste
consumenten willen filets.
DIEPGEVROREN IS HET BEST
Scenario drie: een op zee diepgevroren vis. Rond diepvries hangt nog
steeds een stigma, maar wat de meeste vis betreft, kunnen we formeel
stellen dat dit uw beste optie is. De vis wordt doorgaans binnen de twee
uur na vangst ingevroren tot -50 graden. Dat zorgt er ook nog eens voor
dat de meeste parasieten in de vis sterven. Op zee ingevroren vis kan
tot twee jaar een uitstekende kwaliteit behouden.
RIGOR MORTIS
In tegenstelling tot wat we denken, mag je vis ook niet té vers eten.
Net zoals bij mensen treedt bij vis rigor mortis (lijkstijfheid) op van
het moment dat hij sterft. De actine en myosine filamenten van de
spieren schuiven in elkaar, en dat maakt de vis taai. Het duurt tussen
acht en 24 uur bij de meeste vissoorten voor dat effect weg is. Pas dan
beginnen de enzymen in de vis de proteïnen af te breken waardoor de
aminozuren vrijkomen die de smaak geven waar we dol op zijn.
Aminozuren zijn de bouwblokjes van proteïne. Ongeveer de helft van de
voor de mens essentiële aminozuren kan ons lichaam niet zelf aanmaken.
Die moeten we uit voedsel halen. Zeevis is erg rijk aan aminozuren om te
kunnen overleven in zout water.
Het aminozuur glycine bijvoorbeeld is wat kreeft en andere schaaldieren
hun bijzonder smaak geeft. Glutaminezuur is een ander aminozuur dat
zeedieren bijzonder lekker maakt. Het is ook excitatoir, wat wil zeggen
dat het als neurotransmitter stimulerend werkt op onze zenuwcellen, in
het bijzonder die in de hersenschors. Of: het is één van die dingen in
vis die je hersenen beter doen werken.
|
|
|
|
--------------------
24 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
De walvisvangst: barbaars, meedogenloos en hypocriet
De walvisvangst is
altijd al omstreden geweest en beroert nog steeds de gemoederen.
Voorstanders roemen de kwaliteiten van het walvisvlees en beroepen zich
vaak op een leugentje om bestwil om de meedogenloze vangst in stand te
houden. Hevige tegenstanders willen liever vandaag dan morgen een halt
toeroepen aan het verschrikkelijke bloedvergieten. Wanneer is de mens
eigenlijk begonnen met de onnavolgbare uitroeiing van miljoenen
zeezoogdieren en nog belangrijker wanneer zal de jacht eindelijk
eindigen?
Walvissen werden al eeuwen gevangen, meestal door kleine gemeenschappen
zoals de Inuit die de producten afkomstig van deze dieren louter
gebruikten om in hun eigen behoeften te voorzien. De impact op de
populatie walvissen was minimaal. Daar kwam echter verandering in toen
de commerciële walvisvangst van start ging op het moment dat de Basken
massaal de jacht openden op de gracieuze dieren in de golf van Biskaje
in de twaalfde eeuw. De Baskische bevolking ondervond dat er geld te
verdienen viel met een divers productaanbod zoals walvisvlees en
walvisolie voor verlichting en balein. De walvisvangst ontwikkelde zich
op die manier tot een commerciële business die significante winsten
opleverde.
WALVISVET IS VLOEIBAAR GOUD
Voor de ontdekking van petroleum was walvisolie immers een kostbaar en
zeer waardevol goedje. Straten en huizen in Europa en Noord-Amerika
werden ermee verlicht. De walvisolie werd verkregen door de speklaag van
het dier af te snijden en vervolgens te koken. Deze grondstof werd ook
verwerkt tot zeep, margarine en werd gebruikt om leer soepel te houden.
Balein (de lange hoornplaten in de bek van sommige walvissoorten) kon in
allerlei vormen worden geperst als het in water werd verhit. Bekende
toepassingen van balein waren dozen, meshandvaten, maatstokken,
paraplu's, waaiers, schilderijlijsten en medische instrumenten. Het kwam
ook van pas ter versteviging van korsetten en hoepelrokken.
HEVIGE CONCURRENTIE
Na talrijke Europese oorlogen kwam aan de Baskische suprematie een
einde, maar elders namen andere regio's met dank die plaats in. Na de
ontdekking van Spitsbergen en Groenland met hun walvisrijke wateren
sprongen ook de Nederlanders op de kar aan het begin van de 17de eeuw.
De Engelsen, Duitsers, Denen, Fransen en Amerikanen volgden hun
voorbeeld. Door de massale slachtingen werden de walvissen al snel
schaarser en moesten de walvisvaarders uitwijken naar meer
ontoegankelijke oorden in de omgeving van het Noordpoolgebied.
ROOD VAN HET BLOED
De eerste kolonisten in Zuid-Afrika, Nieuw-Zeeland en Australië konden
hun geluk niet op. De zeeën leken daar nog vol te zitten met walvissen.
Nergens waren de dieren nu nog veilig. Zelfs moeders met kalfjes moesten
eraan geloven in de nietstontziende jacht op winst van de
walvisvaarders. De oceanen zagen rood van het bloed. De gevolgen konden
niet anders dan desastreus zijn voor de reuzen van de zee. Er waren
gewoonweg niet genoeg walvissen meer om de jacht winstgevend te houden.
Wanneer werd de wereld wakker?
MORATORIUM
De internationale gemeenschap verbood de commerciële vangst van de
Groenlandse walvis in 1931 als een eerste stap. Vervolgens richtten de
landen die meededen aan de walvisvaart in 1946 de Internationale
Walvisvaartcommissie (IWC) op. Hierin spraken ze af hoeveel walvissen
gevangen mochten worden. Pas in 1982 werd door de IWC besloten om vanaf
1986 een moratorium, een tijdelijk verbod, in te stellen op de
commerciële jacht.
LACUNES
Maar de jacht op walvissen voor wetenschappelijke doeleinden werd echter
niet verboden met de komst van het moratorium en daar maakten Japan en
IJsland handig gebruik van. Noorwegen erkende het besluit van het IWC
gewoonweg niet en bleef ook doorgaan met het slachten van de dieren.
Sinds 1986 werden al meer dan 25.000 walvissen de dood ingejaagd ondanks
het bestaan van het moratorium.
CAMPAGNE
De walvisvaart is nu nog vaak het onderwerp van een politiek debat.
Groot-Brittannië, Australië en Nieuw-Zeeland zijn hevige voorstanders
van een totaal verbod. Daar tegenover staan Japan, Noorwegen en IJsland
die nog steeds ijveren voor het opheffen van het moratorium. Japan heeft
al die tijd al sterk campagne gevoerd in binnen- en buitenland. De
walvisindustrie koopt om de haverklap advertentieruimte in kranten om
het walvisvlees blijvend in de belangstelling de houden.
ETEN JAPANNERS WALVISVLEES?
De vraag mag echter gesteld worden of de Japanse bevolking wel vragende
partij is om het vlees te nuttigen. Een enquête van de krant Asahi
Shimbun in 2002 wees immers uit dat slechts 4 procent van de
respondenten regelmatig walvisvlees at, 53 procent had het niet meer
gegeten sinds de schooltijd en 33 procent had het nog nooit geproefd. De
Japanse walvisvaart wil de bevolking terug zin doen krijgen in
wavisvlees door de creatie van allerlei innovatieve producten.
Walvisburgers en ijsjes van walvisvet moeten de jeugd overtuigen. De
industrie sponsort eveneens het walvisvlees op Japanse scholen in de
hoop dat de kleintjes weer vertrouwd geraken met deze zogezegde
lekkernij.
VLEES VAN DOLFIJNEN
Walvisjagers viseren niet enkel de giganten van de zee, ook ontelbare
kleinere zoogdieren zoals dolfijnen zijn hun slachtoffer. Jaarlijks
worden er duizenden gedood omdat ze niet beschermd worden door het
moratorium van de IWC dat enkel voor walvissen geldt. Het zal niet
verbazen dat Japan zich ook dit keer van zijn allerslechtste kant laat
zien door elk jaar 20.000 dolfijnen de dood in te jagen. Bovendien
worden consumenten vaak misleid doordat het vlees van dolfijnen in
winkels het etiket 'walvisvlees' krijgt opgeplakt.
TOEKOMST
De Internationale Walvisvaartcommissie is eigenlijk een organisatie die
helemaal niet is geëvolueerd. Toen het IWC werd opgericht in 1946
voldeed de organisatie aan de standaarden, waarden en de kennis van die
tijd. Vandaag worden zowel de voorstanders als de tegenstanders
geconfronteerd met een log instituut. Als de organisatie zou overgoten
worden met een modern sausje, zou de walvisvaartcommissie al heel wat
slagvaardiger uit de hoek kunnen komen. Strafmaatregelen tegen landen
die de afspraken met de voeten treden, zouden eindelijk ingevoerd kunnen
worden zoals dat ook het geval is met andere internationale akkoorden.
De jacht op walvissen voor wetenschappelijke doeleinden zou door een
ethisch panel kunnen gesuperviseerd worden en het vlees afkomstig van
zulke vangst zou niet mogen verkocht worden. Bovendien zou het
moratorium dan kunnen uitgebreid worden naar alle zeezoogdieren.
WIE WIN HET PLEIT?
Wetende dat wijzigingen aan de basisregels van het IWC enkel kunnen
doorgevoerd worden na het bereiken van unanimiteit, dwingt ons tot het
besef dat veranderingen ten goede niet snel te verwachten zijn. Japan en
Noorwegen hebben trouwens de gewoonte om de armere landen die in de
Walvisvaartcommissie zetelen om te kopen om zo meer stemmen te winnen
voor de opheffing van het moratorium. De integriteit van het IWC wordt
zo volledig ondermijnd. Hoe kan een organisatie die slecht functioneert,
instaan voor de bescherming van walvissen en dolfijnen? De komende jaren
zullen uitwijzen of de walvisvaarders dan wel de beschermers van de
zeezoogdieren het pleit zullen winnen. De strijd is nog bijlange niet
gestreden.
|
|
|
|
--------------------
19 februari
Nieuws:
(bron) sportvisserij
nederland
GEMEENTERAADSVERKIEZINGEN 2010: WEET WAAROP JE STEMT!
Met de
gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart in het vooruitzicht, zou ik graag
een dringende oproep willen doen aan alle stemgerechtigde sportvissers
in Nederland. In de eerste plaats om gebruik te maken van uw stemrecht,
maar bovenal om zo goed mogelijk na te gaan hoe de partij waarop u wilt
stemmen tegenover de hengelsport staat.
GROTE INVLOED
Gemeentelijk beleid kan grote invloed hebben op uw visplezier, vaak nog
groter dan landelijk beleid. De gemeenteraad beslist over hele
praktische zaken waar de hengelsport voordeel of juist nadeel bij kan
hebben. Denk bijvoorbeeld aan het al dan niet toestaan van Actief
Biologisch Beheer (ABB) waarbij hele bestanden brasem en karper worden
geruimd, maar ook aan subsidies voor de aanleg van vissteigers of de
uitkoop van beroepsvissers. Hele tastbare zaken dus.
WEET WAT U STEMT
Misschien weet u al hoe de verschillende partijen in uw gemeente over de
hengelsport denken, dan is de keuze makkelijk gemaakt. Heeft u echter
geen idee waar uw hobby in goede handen is, dan weten ze dat bij uw
hengelsportvereniging mogelijk wel. Mocht uw vereniging ook niet weten
hoe de verschillende partijen tegenover onze hobby staan, dan kunt u
natuurlijk ook zelf navraag doen. Simpelweg even bellen of mailen naar
de partij van uw keuze en dan de voor u relevante vragen stellen.
Telefoonnummers en e-mailadressen vindt u op de website van uw gemeente.
Interessante vragen zijn onder meer hoe de betreffende partij tegenover
ABB, vislessen op school en natuurlijk of u erop kunt vertrouwen dat
deze partij voor de algemene belangen van de sportvissers zal opkomen.
DEEL UW KENNIS
Om zo gunstig mogelijke uitslag voor de hengelsport te behalen, is het
van groot belang dat de standpunten van de verschillende partijen zo
breed mogelijk bekend worden onder alle sportvissers in uw gemeente.
Verzamel daarom zoveel mogelijk kennis over de standpunten die de
hengelsport raken en maak deze bekend via de website van uw vereniging,
op deze website of via de lokale media.
NOG BIJNA TWEE WEKEN
Het lijkt misschien kortdag, maar u hebt nog bijna twee weken om te
achterhalen hoe de lokale politiek over uw hobby denkt. Als genoeg
sportvissers op zoektocht gaan naar standpunten en deze zo goed mogelijk
verspreiden, moeten we als hengelsport een verschil kunnen maken tijdens
de gemeenteraadsverkiezingen.
VOOR JE BELANGEN OPKOMEN DOE JE ZO
Achterhaal wat de standpunten zijn van de voor u relevante partijen (dit
kan via uw vereniging en via de partijen zelf)
Kijk of andere partijen uw sportvisbelangen wellicht beter verdedigen
Verwoord deze standpunten kort en krachtig
Maak deze standpunten onder zoveel mogelijk sportvissers bekend, o.a.
via de website van uw vereniging, deze website en lokale media.
TOT SLOT
Natuurlijk spelen er altijd meerdere onderwerpen een rol bij de keuze
voor uw politieke partij. Het zou echter jammer zijn als u er achteraf
achter komt dat uw stem bijdraagt aan een verslechtering van uw
sportvismogelijkheden. Weet daarom waarop u stemt!
|
|
|
|
--------------------
8 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
Zwarte kabeljauw, de
Russische maffia en elektroshocks
VoorWetenschappers
pleiten er al jaren voor om een moratorium in te stellen op de vangst
van kabeljauw in de Noordzee. Tenzij we de kabeljauw een aantal jaren
rust geven om te herstellen - naar 440.000 ton hebben ze uitgerekend -
is het over enkele jaren gedaan met de culinaire lieveling in de
Noordzee. Nu wordt de biomassa van kabeljauw in de Noordzee geschat op
40 à 45.000 ton. Voor de industriële revolutie zwom in de Noordzee naar
schatting 7,7 miljoen ton kabeljauw rond. Aan het einde van de 18de eeuw
was de kabeljauw die vissers bovenhaalden gemiddeld een meter lang.
Europese politici hebben tot nu toe niet de moed kunnen opbrengen om een
moratorium in te stellen op kabeljauw. Nochtans slagen vissers er al
sinds 1987 niet meer in om de opgelegde en steeds kleiner worden quota
te halen. Er zit niet eens genoeg kabeljauw meer in de Noordzee
daarvoor. De helft wordt trouwens per ongeluk gevangen, door vissers die
uit zijn op haring en schelvis.
Te jong
De Europeanen zijn koppig de fouten die in Canada werden gemaakt aan het
herhalen. Daar verdween kabeljauw in 1992, en hij is niet teruggekomen.
In de Barentszee, de enige plaats waar nog behoorlijk wat kabeljauw zit,
blijven ze tijdens het broedseizoen gewoon doorgaan met erop te vissen.
Daardoor verdwijnt jongvolwassen kabeljauw uit de zee voor hij de kans
heeft om zich voort te planten.
Zwarte kabeljauw
Voeg daar te hoge en electoraal gemotiveerde quota aan toe. En vissers
die de quota sowieso aan hun laars lappen en wat ze te veel binnenhalen
in het zwart verkopen. Er bestaat daar een systeem voor: de vissersboten
worden op zee tegemoet gevaren door speciale schepen die de 'zwarte'
kabeljauw afnemen, zodat de schipper met een vangst binnen de quota kan
binnenvaren. De zwarte kabeljauw verdwijnt via ondermeer Rusland, waar
hij wit gemaakt wordt. Zowat een vijfde tot een derde van alle kabeljauw
die in Europa op een bord belandt, is illegaal gevangen in de Barentszee.
Het is big business en de Russische maffia heeft er een hand in. Op de
Barentszee dragen vissers zelfs wapens. Volgens de Noren zijn er meer
dan honderd van die rendezvousboten actief. Als ze ontdekt worden, varen
ze gewoon naar een Russische haven.
Romantici met haken
Er zijn nog twee plaatsen waar kabeljauw zit: de Faroëreilanden en
IJsland. In de Faroër beweren ze dat ze bewust omgaan met de
kabeljauwvoorraad: "Wij gebruiken geen sleepnetten, we slaan ze
aan de haak zoals we dat al eeuwen doen." Het klinkt romantisch. Wat de
vissers op de Faroër er niet bijzeggen, is dat het gaat om vislijnen die
kilometers lang zijn en waar telkens duizenden haken aanhangen. Het
resultaat is navenant, ze vangen nog amper een derde van dertig jaar
geleden. En het gaat snel bergaf. Het parlement van de Deense
eilandengroep laat vissers toe elk jaar eenderde van de biomassa aan
kabeljauw te vangen, een quotum dat ver boven een duurzaam ligt.
Schip ellentrik
IJsland manifesteert zich naar andere landen toe als een verantwoorde
vissersnatie. Het beschermt zijn visbestand, en laat geen andere landen
toe binnen 200 mijl, al sinds 1975. De bedoeling was het
kabeljauwbestand te beschermen. In nog geen twintig jaar daalde het in
die bewuste zone met meer dan de helft. De IJslanders waren hun eigen
wateren gewoon aan het leegvissen. Sindsdien worden er strenge quota
gesteld, maar dat werkt niet. Het bestand blijft dalen.
De IJslanders zijn dan maar overgeschakeld op een andere politiek. Het
land is binnen de visserijwereld nu notoir voor zijn gulzige
supertrawlers die de hele wereld afstropen. Ze hebben het sleepnet een
stapje verder genomen: ze zijn uitgerust met "electric beams", die
terwijl ze de oceaanbodem doorploegen nog wat elektrische schokken
geven. Dat breekt de ruggegraat van de bodembewoners en maakt het naar
verluidt zoveel makkelijker om ze boven te halen. (mvl)
|
|
|
|
--------------------
8 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
"Het is allemaal de
schuld van die smerige zeehonden"
Zeehonden zijn de
favoriete zwarte schapen van vissers. Of het nu Down Under, in
Noord-Amerika of in Europa was: we kregen altijd wel te horen dat
zeehonden verantwoordelijk zijn voor het verdwijnen van vis.
Toeristische attractie
Noorwegen is het vierde land waar de zeehondenjacht is
geïnstitutionaliseerd. Net als in Canada krijgen zowel jagers als
verwerkers van zeehondenproducten daar subsidies. In 2005 lanceerden de
Noren zelfs een initiatief om van de zeehondenjacht een toeristische
attractie te maken. Het aantal gedode zeehonden in het Scandinavische
land schommelt enorm van jaar tot jaar. In 2005 piekte de jacht met
21.597 dieren, in 2008 waren het amper 1.260.
Poetin zegt njet
Ook de Russen kloppen graag op zeehonden, maar niemand heeft eigenlijk
een idee van hoeveel ze er doden. 35.000 is een cijfer dat vaak
terugkomt. In 2000 stemde het Russisch parlement met 273
tegen 1 om een de jacht op zeehonden te verbieden. President Vladimir
Poetin stelde echter zijn veto.
"Vroeger kreeg je er geld voor,
nu draaien ze je in de bak"
Het valt niet te ontkennen dat zeehonden veel vis eten. En dat zien
vissers niet graag. Volgens de vissers zijn zeehonden ook verspillers:
vaak nemen ze gewoon één grote hap van een vis, bij voorkeur uit een
stuk buik waar er geen graten zijn. "Toen ik klein was, probeerden we
zeehonden te vangen en dan sneden we hun neus af. Per neus kregen we 5
dollar", verhaalt Rich Arnold, een ondertussen gepensioneerde visser uit
Gloucester in New England, één van de belangrijkste maar in verval
geraakte vissershavens aan de Noord-Amerikaanse Atlantische kust. "Als
je dat vandaag de dag zou doen hier in de States, draaien ze je
waarschijnlijk in de bak."
Laat de haaien er op los
Arnold vindt dat het beschermen van die "smerige beesten één van de
grootste stommiteiten ooit" is. Zoals de meeste Amerikaanse en Canadese
vissers die we spraken, gelooft hij dat de zeehond één van de
voornaamste redenen is waarom sinds begin jaren negentig de visserij aan
de Amerikaanse en Canadese kant van de Noord-Atlantische Oceaan is
ingestort. "Hier is het zelfs zo erg dat er een wet is dat je ze op het
strand moet gerust laten", mijmert hij. "Het beste wat we kunnen hopen
is dat de grote witte haaien ze hier vinden. Dan zijn we er vanaf en dat
spektakel trekt misschien nog wat toeristen."
Wormen à gogo
En dan zijn er de wormen. In veel visfabrieken waar ze verse kabeljauw
fileren doen ze dat op glazen tafels, met daaronder felle lampen. Zo
zien de visverwerkers beter de wormen in de vis, die ze er vervolgens
met pincetten uithalen. Die wormen zijn ondermeer parasieten die in
zeehonden leven. Hoe meer zeehonden, hoe meer wormen in de vis redeneert
de visindustrie.
"Ze vreten echt alles"
Ken Frank is kabeljauwspecialist bij het Bedford Institute in Dartmouth
(Nova Scotia). Hij is formeel: "Zeehonden zijn geen kabeljauweters. Hun
dieet is ingesteld op vetrijke soorten zoals haring, makreel en
zeepaling", zegt hij. "Dat is met kabeljauw wel anders. Dat zijn
bodemvissen én echte varkens. Die vreten echt alles. We hebben de zotste
dingen in hun maag gevonden. Jesus, in kabeljauwlever zitten vaak meer
wormen dan iets anders. Dat komt omdat ze zoveel uitwerpselen van
zeehonden eten."
"Zeehonden jagen kabeljauw niet weg, dat doen mensen. En als de
apex-predator verdwijnt wordt zijn plaats ingenomen door kleinere vissen
zoals haring, makreel en zeepaling. Daar zijn zeehonden wel tuk op, dus
het is logisch dat ze opduiken op plaatsen waar kabeljauw verdwijnt."
Jaws
Ook dat van die haaien vindt hij maar onzin. "Die mannen hebben Jaws
niet gezien zeker? Welke toerist gaat hier nog pootje baden als er great
whites voor de kust patrouilleren?"
Global warming
Er blijken nog een aantal dingen niet te kloppen. Zoals de fameuze
"explosie" van het aantal zeehonden waar de vissers het over hebben. Er
zijn nu 70 procent minder zeehonden in de Atlantische Oceaan en de
poolgebieden dan honderd jaar geleden. Bedreigd kan je phoca
groenlandica voorlopig nochtans moeilijk noemen. Naargelang de bron zijn
er nog twee à zes miljoen. Probleem is dat het de jongste jaren pijlsnel
bergaf gaat met de populatie. De zeehonden zijn immers bij de
voornaamste slachtoffers van global warming.
Warmere winters leiden immers tot minder en dunner ijs. Het ijs waarop
de pups geboren worden, smelt ook vroeger, vaak voordat de zeehodjes
leren zwemmen en daardoor verdrinken ze massaal. Een ander probleem is
vervuiling. Zeezoogdieren slaan schadelijke stoffen zoals PCB's op in
hun vetlaag. De concentratie daarvan hoopt in die mate op dat de dieren
zich bijvoorbeeld moeilijker kunnen voortplanten.
Nog eens min 70 procent?
Ondertussen blijft de zeehondenjacht de grootste jacht op zeezoogdieren
ter wereld. Samen met de effecten van vervuiling en global warming maakt
dat volgens de IFAW (International Fund for
Animal Welfare) dat de zeehondenpopulatie nog eens 70 procent zal
afnemen in de komende 15 jaar.
De Canadees snapt het niet
Het rapport, waaraan een legertje gereputeerde marinebiologen
meewerkten, werd gepresenteerd aan de Canadese premier en de Minister
van Visserij en de Oceanen. Die het simpelweg naast zich
neerlegden. Uit electoraal belang waarschijnlijk, want veel Canadezen
snappen totaal niet wat de rest van de wereld toch zo storend vindt aan
de jaarlijkse slachtpartij. HLN.BE heeft al anderhalf jaar een redactie
in Montreal en kan er over meepraten.
Ze zweren bij het idee dat de jacht nodig is, gewoon om de
zeehondenpopulatie in toom te houden, want voor de doorsnee Canadees
staat een overschot aan zeehonden gelijk aan een tekort aan vis.
"Kan niet"
"Ongebreidelde groei van populaties is technisch gezien mogelijk, maar
dat is theorie. Het komt het in de natuur nooit voor omdat dieren worden
geconfronteerd op een bepaald moment met beperkte bronnen, zowel qua
voedsel als qua levensruimte. De enige schuldige aan de lage visstand is
de mens", vertelde Daniel Pauly van de Universiteit van British Columbia
in Vancouver ons toen we hem met het vraagstuk confronteerden. Pauly
runt het wereldvermaarde
Fisheries Centre.
Brutaal
Naast het effect dat de zeehondenjacht heeft op de toekomst van de
soort, kunnen er toch ook een aantal ethische vragen gesteld worden over
de brutale manier waarop die jacht gebeurt. Dat is niet meteen iets
waarmee we ons als mensheid anno 2010 willen associëren. We kennen
allemaal de beelden van het doodknuppelen.
Een onafhankelijk team van dierenartsen volgde een seizoen lang de
slachtpartij in opdracht van zowaar de Canadese overheid. Wat ze
vaststelden: 79 procent van de jagers nam niet de moeite om vast te
stellen of een dier dood was voor ze het gingen villen.
In 40 procent van de gevallen moest een jager de zeehond nog een keer
slaan, waarschijnlijk omdat het na de eerste klap of het eerste schot
nog bij bewustzijn was. Bij 42 procent van de dieren troffen de artsen
geen of slechts heel geringe scheuren in de schedel aan. Dat duidt erop
dat ze hoogstwaarschijnlijk nog bij bewustzijn waren toen ze werden
gevild.
Onaanvaardbaar
In het rapport vinden we ook terug dat er dieren aan pikhaken worden
geslagen en nog bij bewustzijn over het ijs worden gesleept. Sommige van
deze dieren leven zelfs nog als ze aan boord van de schepen worden
getrokken.
Het is duidelijk: los van de al dan niet noodzakelijkheid, de
zeehondenjacht in zijn huidige vorm leidt tot aanzienlijk en
onaanvaardbaar dierenleed. Hoe je het ook bekijkt. (mvl)
|
|
|
|
--------------------
6 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
Chinezen eten in 20
jaar vijf keer meer vis
Voor wie er nog moest aan
twijfelen: vis voor consumptie is very big business. Wereldwijd stelt de
visserijsector 200 miljoen mensen tewerk. 2,6 miljard consumenten halen
bijna 20 procent van hun behoefte aan proteïne uit het eten van vis en
schaaldieren. We eten ook steeds meer zeeproducten: 70 procent meer dan
de vorige generatie. Wereldwijd is de consumptie de afgelopen dertig
jaar zelfs meer dan verdubbeld.
Van 5 naar 25 kilo
China spant de kroon. Daar is de consumptie vervijfvoudigd. Ongeveer 400
miljoen Chinezen wonen in de buurt van de kust. Hun welvaart is
spectaculair toegenomen de jongste jaren, iets wat zich weerspiegelt in
hun visverbruik. In 1980 at de gemiddelde Chinees 5 kilo zeevis per
jaar. In 2000 was dat al 25 kilo per Chinees.
Zelfs als die toename in consumptie per capita nu zou stoppen - en niks
wijst daarop - dan zou dat nog betekenen dat in 2020 de Chinezen alleen
al 37 miljoen ton zeevis per jaar zouden eten. Momenteel bedraagt de
wereldwijde vangst en kweek van zeevis 140 miljoen ton. Een cijfer dat
naar verwachting tegen 2020 zal dalen met tenminste 10 procent.
|
|
|
|
--------------------
6 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
De vis die u ziet is
niet de vis die u eet
De visserij en aansluitend de
horeca - verrassend cijfer: 68 procent van de vis die we consumeren,
eten we op restaurant - hebben altijd al mooi misbruik gemaakt van onze
povere kennis van de zee en haar bewoners. Wat u koopt of bestelt is erg
vaak niet wat u vermoedt dat op uw bord belandt.
Pangasius wordt massaal verkocht als kabeljauw. Afgelopen zomer werd in
Londen de proef op de som genomen. 14 van de 56 als niet in korst
klaargemaakte kabeljauw bleken in feite schotels met pangasiusfilets te
zijn.
Bij als gepaneerde kabeljauw verkochte schotels bleek de zaak nog veel
erger te zijn. Eén onderzoek vond dat in 37 procent van de gevallen de
vis in het krokante jasje helemaal geen kabeljauw was. In de meeste
gevallen was het pangasius, in sommige gevallen tilapia (een Chinese
variant) en verder koolvis en heek. Een andere steekproef kwam uit op
fraude in 25 procent van de gevallen.
Het vaste vlees van de zeeduivel lijkt qua textuur en uitzicht op
kreeft, maar is veel goedkoper. Stukjes zeeduivel eindigen dan ook vaak
als kreeft in bereide gerechten, zoals pasta's en vispannetjes. Neem één
van de absolute lievelingen: kabeljauw. Wat u in de horeca daarvoor
krijgt is vaak schelvis (haddock), wijting, heek (merluza) of koolvis
(pollak). Recente studies zijn er niet, wel eentje uit het midden van de
jaren negentig, toen dat in 15 procent van de gevallen zo bleek te zijn.
Pangasius, de lucratieve zwendel
Dat percentage is de jongste jaren fors gestegen, en wel door de invasie
van de pangasius. De pangasius is een zoetwatervis uit de familie van de
reuzenmeervallen. Hij kan 3 meter lang worden. De vis wordt tegenwoordig
massaal gekweekt, vooral in de Vietnamese Mekongdelta. In 2008 eindigde
meer dan de helft van de 600.000 ton "geoogste" pangasius in
West-Europa. Hij begint steeds meer op te duiken in het vriesvak van uw
warenhuis of vishandel, maar dat is niet de voornaamste reden van dit
succes.
Pangasius wordt massaal verkocht als kabeljauw. Afgelopen zomer werd in
Londen de proef op de som genomen. 14 van de 56 als niet in korst
klaargemaakte kabeljauw bleken in feite schotels met pangasiusfilets te
zijn. Engeland is het kabeljauwland par excellence. Niemand eet meer
kabeljauw dan de Britten. Een lucratieve zwendel dus, want pangasius is
drie à vier keer goedkoper om in te kopen dan kabeljauw.
Een krokant jasje verbergt alles
Bij als gepaneerde kabeljauw verkochte schotels bleek de zaak nog veel
erger te zijn. Eén onderzoek vond dat in 37 procent van de gevallen de
vis in het krokante jasje helemaal geen kabeljauw was. In de meeste
gevallen was het pangasius, in sommige gevallen tilapia (een Chinese
variant) en verder koolvis en heek. Een andere steekproef kwam uit op
fraude in 25 procent van de gevallen.
Culinaire geesten onder u zullen nu meewarig het hoofd schudden. Hoe is
dat mogelijk? Pangasius is helemaal geen familie van kabeljauw. Het is
een tropische zoutwatervis, heeft een andere textuur. Het enige dat de
vissen met elkaar gemeen hebben is dat eens gekookt hun vlees wit is.
Vertrouw uw ogen niet
Experimenten verklaren hoe het kan. Zo blijkt dat drie op vier mensen
klaargemaakte kabeljauw, koolvis, pangasius en schelvis niet uit elkaar
kennen. De vier soorten werden op dezelfde manier geprepareerd
(gestoomd), kregen op hun bord dezelfde garnituur en saus en slechts één
op vier bij de 150 testpersonen slaagden er in de kabeljauw er uit te
pikken.
Zander = snoek = groene baars = meerbaars = mosbaars = forel
De dingen veel namen geven, is overigens een handige manier om
consumenten zand in de ogen te strooien. De breedbekbaars staat ook te
boek als groene baars, meerbaars, mosbaars. Wat u in de helft van de
gevallen op uw bord krijgt wanneer u het bestelt, is zander (wat dan
eigenlijk snoekbaars is) en in sommige gevallen zelfs forel. Tonijn, als
steak, blijkt vaak gefileerde haai te zijn.
Wild is een kwestie van interpretatie
Een andere vorm van wijdverspreid bedrog heeft te maken met gekweekte
versus wild gevangen vis. Neem zalm. Tenzij er bijzonder expliciet op de
verpakking staat vermeld waar de zalm gevangen is, kan u ervan uitgaan
dat het gaat om zalm van een visboerderij. Het label "wild salmon"
blijkt een kwestie van interpretatie te zijn. "Een grote kooi in de
oceaan, tja, 't is wel een kooi maar het water dat er doorstroomt is
hetzelfde als dat van de 'wilde' oceaan, en eigenlijk zwemmen die vissen
dus in de zee. En zijn dus wild." Om maar één voorbeeld te geven van een
redenering waarmee je in deze tijd makkelijk overeind kan blijven in een
rechtbank.
Harrod's
En zelfs wanneer de details op de verpakking of bij de uitgestalde zalm
staan, wordt u in één op vijf gevallen gerold. Dat bleek uit DNA-tests
van zalm die gekocht werd bij 128 West-Europese supermarktketens. Zelfs
de gourmetafdeling van het prestigieuze Harrods liep tegen de lamp. "Een
vergissing bij het labelen van een slordige winkelbediende", luidde het
excuus.
Sushi
The Chicago Sun-Times liet in de thuisstad van Obama DNA-sampels nemen
in de 14 beste sushi-restaurants. Daaruit bleek dat de gegeerde rode
snapper in vier gevallen goudbrasem was en in de tien andere gevallen de
goedkope Chinese kweekvis tilapia, een soort die zo tsjokvol hormonen,
antibiotica en andere viezigheid zit, dat je er niet zou aan denken ze
rauw te eten.
De duivel in de kreeftensoep
Zeeduivel (wat hetzelfde is als lotte, staartvis en hozemond) staat in
New England bekend als "the poor man's lobster" (kreeft voor de armen)
en dat nemen restaurateurs al te vaak letterlijk. Het vaste vlees van
dit vreselijk lelijke beest lijkt qua textuur en uitzicht op kreeft,
maar is veel goedkoper. Stukjes zeeduivel eindigen dan ook vaak als
kreeft in bereide gerechten, zoals pasta's en vispannetjes
|
|
|
|
--------------------
6 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
Bijvangst, een mooi
woord voor de grootste verspilling op aarde
Elk jaar verdwijnt 35 procent van
de visvangst, zo'n 49 miljoen ton, gewoon overboord. Die 35 procent is
een cijfer van de visserij zelf. In werkelijkheid gaat het om veel meer.
In de Beringzee tussen Alaska en Rusland gaan jaarlijks 16 miljoen rode
koningskrabben verloren wegens te klein om te verkopen. Dat is vijf keer
meer dan het aantal red king crabs dat uiteindelijk de markt haalt.
Bij de garnalenvangst in de Golf van Mexico, die nog goed is voor
ongeveer 2,5 procent van de wereldwijde garnalenvisserij, wordt elk jaar
30 miljard kilo vis overboord gekieperd. 90 procent daarvan is dood.
Steve Branstetter van de National Marine Fisheries Service (NMFS)
berekende dat jonge rode snapper, een culinair modieuze en gegeerde vis,
0,4 à 0,5 procent uitmaakte van de bijvangst op garnalen. Dat lijkt
niks, maar het gaat wel om 25 miljoen stuks. 90 procent van die
overboord gegooide dieren overleeft dat niet. Deze vorm van verspilling
heet "bijvangst": de vangst van andere vissoorten of dieren waarop niet
bedoeld gevist wordt.
Waarom gooien vissers bijvangst overboord? Daar zijn verschillende
redenen voor. Omdat de gevangen vissen te klein zijn bijvoorbeeld. Om
verkocht te worden, of omdat het gewoon weg niet mag: naast quota op
hoeveelheid bestaan er ook regels die verbieden te jonge vissen aan land
te brengen.
Een andere reden is puur commercieel: sommige vissoorten zijn moeilijk
te verwerken of te verkopen, of ze brengen gewoonweg niet genoeg op.
Veel bijvangst verdwijnt ook in zee omdat de vissers die niet mogen
vangen. In die categorie vallen onder meer walvissen, dolfijnen,
bruinvissen, zeeschildpadden, albatrossen en bepaalde haaien.
Om een iets concreter idee te geven van de ravage die bijvangst
aanricht, enkele concrete voorbeelden. De cijfers komen van de National
Oceanic and Atmospheric Administration (NOAA), een Amerikaanse instantie
die zich bezighoudt met meteorologie en oceanografie en van de Voedsel-
en Landbouworganisatie (FAO of Food and Agricultural Organization) van
de Verenigde Naties.
In de Beringzee tussen Alaska en Rusland gaan jaarlijks 16 miljoen rode
koningskrabben verloren wegens te klein om te verkopen. Dat is vijf keer
meer dan het aantal red king crabs dat uiteindelijk de markt haalt.
Voor elke 5 kilo garnalen die garnalenvissers binnenbrengen uit de Golf
van Mexico, helpen ze 40 à 45 kilo volgens de vissers oninteressante "thrash
fish" (minderwaardige vis) om zeep. Voornamelijk rog, aalachtigen, bot,
grootbekken, diepzeeroodbaars (die 50 jaar kunnen worden) en schopvis.
Daarnaast sterven ook veel zeeschildpadden en haaien in de netten van de
garnaalvissers.
Steve Branstetter van de National Marine Fisheries Service (NMFS)
berekende dat jonge rode snapper, een culinair modieuze en gegeerde vis,
0,4 à 0,5 procent uitmaakte van de bijvangst op garnalen. Dat lijkt
niks, maar het gaat wel om 25 miljoen stuks.
Of om het even anders te schetsen: bij de garnalenvangst in de Golf van
Mexico, die nog goed is voor ongeveer 2,5 procent van de wereldwijde
garnalenvisserij, wordt elk jaar 30 miljard kilo vis overboord
gekieperd. 90 procent daarvan is dood. Veel van het romantische plaatje
dat u kreeg te zien over die industrie in de kaskraker Forrest Gump
blijft dan niet over.
De tropische garnalenvisserij, waarbij vaak kleinmazige netten worden
gebruikt, is een notoire killer. Maar zeker niet de enige. Zo vaarden
Amerikaanse waarnemers uit met de 74 schepen tellende Japanse
inktvisvloot. Ze telden 7,9 miljoen gevangen inktvissen. En dit ging
dood overboord: 82.000 blauwe haaien, 253.000 tonijnen, 10.000 zalmen,
30.000 zeevogels, 52 zeehonden, 22 zeeschildpadden, 141 bruinvissen en
914 dolfijnen
|
|
|
|
--------------------
6 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
Als we zo doorgaan
zijn alle oceanen binnen 30 jaar dood
Deze maand neemt Planet Watch u
mee op een ontluisterende trip door de oceanen van de wereld. De reeks
"Naar het einde van de zee" gaat over de belabberde toestand van onze
zeeën en het effect daarvan op ons en onze toekomst. De jongste vijftig
jaar is 90 procent van wat door de mens als eetbaar visbestand wordt
aangezien gewoonweg verdwenen. Als we doorgaan op het huidige elan met
vissen en vervuilen, dan zijn binnen dertig jaar alle oceanen dood.
Aan het opzet is een jaar gewerkt door de Planet Watch-redactie. Het is
ons meest ambitieuze project tot nu toe. Het idee voor deze reeks kwam
er toen HLN.BE vorig jaar in Montreal samenzat met David Suzuki. Suzuki
(74) is een Canadees geneticus, in het wetenschappelijk milieu een
begrip voor zijn onderzoek naar genetische mutaties. Hij heeft 22
eredoctoraten achter zijn naam. In 2001 ging hij op pensioen en besloot
de rest van zijn leven te wijden aan het milieu. Zijn grootste talent is
het begrijpbaar maken van complexe milieuvraagstukken voor een niet
wetenschappelijk geschoold publiek.
De juiste man dus om te vragen wat de grootste bedreigingen voor het
voortbestaan van de mens zijn. Suzuki kon er wel een paar bedenken, maar
wat bovenaan zijn lijstje prijkte, was enigszins verrassend. "We moeten
onmiddellijk stoppen met het plunderen van de oceanen. Het is het meest
prangende probleem: we zijn er in amper vijftig jaar in geslaagd om 90
procent van de eetbare voorraden in onze zeeën weg te vissen."
Waarom?
Wat het volgens Suzuki ook tot het meest prangende probleem maakte, was
het feit dat, in vergelijking met andere bedreigingen - door mensen
veroorzaakte global warming om er maar één te noemen - het stoppen van
de systematische overbevissing en het vervuilen van de oceanen eigenlijk
de simpelste is om op te lossen. "Het is een uitdaging die we perfect
aankunnen. Het vraagt alleen een beetje politieke wil en moed." Om zijn
punt kracht bij te zetten somde Suzuki een lijstje van acht maatregelen
op, die inderdaad haalbaar leken.
Simpel?
Twaalf maanden, duizenden pagina's research, verschillende expedities en
tientallen interviews later zijn we niet meer zo zeker dat het allemaal
zo simpel is.
Omdat we zelf landwezens zijn, die zoals bijvoorbeeld elke recreatieve
duiker weet, niet gemaakt zijn om te overleven in de zee, is het
moeilijk voor ons om te beseffen en in te schatten hoe belangrijk de
gezondheid en biodiversiteit zijn van het lichaam water dat 71 procent
van onze planeet beslaat.
Voeg daar nog aan toe dat de plundering van de biodiversiteit buiten ons
zicht gebeurt. En, niet te onderschatten, onze neiging om in eerste
instantie ons het lot aan te trekken van soortgenoten: zoogdieren, en
bij voorkeur degene die niet al te agressief zijn. De walvis, om er maar
één te noemen, zou waarschijnlijk al uitgeroeid zijn ondertussen, ware
het niet dat er nog net op tijd gemobiliseerd werd om de soort te
redden.
En dan is er dit, misschien wel het allerbelangrijkste obstakel: het is
een globaal probleem, terwijl we nog steeds graag de relevantie van onze
moeilijkheden inschatten op lokaal, familiair niveau. Zeedieren, maar
ook de geïndustrialiseerde visserij, hebben lak aan grenzen, regeringen
en andere institutionele indelingen. Het erkennen van globale problemen
en een manier vinden om ze aan te pakken is dé uitdaging van de 21ste
eeuw. Voorlopig bakken we er weinig van, de uitkomst en het verloop van
de klimaatconferentie in Kopenhagen zijn een sprekend voorbeeld daarvan.
Wat u mag verwachten
Desalniettemin zijn er oplossingen en is er hoop. We hebben ons best
gedaan om dat aspect in de reeks te verwerken. Maar laten we niet flauw
doen: het probleem bestaat en zal niet zomaar weggaan. U krijgt aan de
hand van voorbeelden, wetenschappelijke bevindingen en anecdotes een
stand van zaken in de verschillende zeeën. De Noordzee en de
Middellandse Zee zijn daar bij, maar vormen zeker niet de hoofdmoot.
Want wat op uw bord belandt, komt zelden nog uit die zeeën.
Hoe gezond is vis?
De reeks gaat ook dieper in op iets wat u waarschijnlijk niet meteen wil
weten: hoe (on)gezond vis op uw bord is en waarom. Dat was niet meteen
het opzet, maar we werden er veelvuldig mee geconfronteerd, vooral
tijdens ons onderzoek naar gekweekte vis.
Onze haaien
En tenslotte is er dit: HLN.BE koos bij de start van Planet Watch een
project dat we steunen, namelijk het tot stand brengen van een groot
marinereservaat (600.000 km2) in de Coral Sea, tussen Australië en
Papoea-Nieuw-Guinea. We kozen daarvoor omdat het een realiseerbaar,
concreet project is. De industriële visvangst is er nog niet van die
aard dat een vangstverbod onhaalbaar is. En de Coral Sea is één van de
weinige plekken op onze planeet waar de biodiversiteit nog niet extreem
is aangetast.
Onze steun vertaalt zich in een aantal concrete projecten. Zo worden met
door ons opgebracht geld haaien van computerchips voorzien. De data die
dat oplevert, moeten een beter beeld geven van het gedrag van deze
magnifieke dieren, onmisbaar in de voedselpiramide van de oceaan en
straks waarschijnlijk verdwenen, want gedood à ratio van 150 miljoen per
jaar door vissers.
De gegevens zijn ook belangrijk naar de legislatuur toe: beleid wordt
niet gevoerd op anecdotes en zeemansverhalen. Politici hebben cijfers
nodig. En het lijkt te werken. Australië staat erg dicht bij het
uitroepen van de Coral Sea tot beschermd gebied. Toen we in september in
Queensland gingen horen bij John Rumney en Richard Fitzpatrick, de
bezielers van het project dat HLN.BE steunt, kregen we een uniek aanbod:
"Waarom komen jullie niet mee met ons haaien taggen?" Drie maanden later
was het zover. Een week lang doken we mee tussen de haaien in de Coral
Sea, honderden kilometers van het vasteland. Een verslag van die
expeditie leek ons ook thuis te horen in deze reportagereeks
|
|
|
|
--------------------
3 februari
Nieuws:
(bron) gva.be
We vernietigen
ecosystemen nog voor we ze kennen
Zestig procent van alle
ecosystemen op de wereld staat onder druk en 30 procent van alle soorten
dreigt uit te sterven.
Er moet meer gebeuren om de biodiversiteit in de wereld te beschermen.
Daarover waren regeringsleiders en natuurbeschermers in Parijs het eens,
tijdens een internationale conferentie ter gelegenheid van het Jaar van
de Biodiversiteit.
Dat er te weinig gebeurt, komt onder meer doordat veel mensen niet weten
wat biodiversiteit, verscheidenheid in soorten en ecosystemen, is. Uit
een onderzoek in Frankrijk bleek dat 75 procent van de Fransen de
betekenis van het woord niet kent.
Bron van leven
"We zijn vergeten dat de natuur de bron van het leven op onze planeet is
en dat de natuur de basisinfrastructuur verschaft voor alle economische
activiteit en onze cultuur", zei Julia Marton-Lefèvre, algemeen
directeur van de Internationale Unie voor Natuurbescherming (IUCN).
Zestig procent van alle ecosystemen op de wereld staat onder druk en 30
procent van alle soorten dreigt uit te sterven.
"Het leven heeft zich in miljarden jaren ontwikkeld en wij zijn
onderdeel van die ontwikkeling, we zijn ermee verweven. Maar we
begrijpen maar weinig van die realiteit", zei Edward O. Wilson, de
eminente tachtigjarige bioloog van de Universiteit van Harvard. "Het
zijn de kleine dingen, microscopische dieren zoals nematoden, die
werkelijk de baas zijn in de wereld", zei Wilson, die decennia geleden
de term biodiversiteit introduceerde.
Overleven
Een theelepel aarde kan miljarden bacteriën bevatten, en misschien wel
zesduizend verschillende soorten, en de meeste daarvan zijn onbekend. We
weten wel dat elke soort een specifieke functie heeft, zei Wilson, maar
meestal niet welke functie.
"Zo zit de wereld in elkaar. We zijn daarvan afhankelijk. De grote
tragedie die zich momenteel ontvouwt, is dat door menselijk gedrag
ontelbare soorten en ecosystemen vernietigd worden, nog voordat we zelfs
weten dat ze bestaan."
Het centrale probleem is volgens de bioloog hoe te overleven en
tegelijkertijd het leven van de een miljard armsten in de wereld te
verbeteren en de natuur te beschermen. "We weten hoe we dit probleem
moeten aanpakken en we hebben de middelen ervoor", hield hij de
afgevaardigden voor.
|
|
|
|
--------------------
3 februari
Nieuws:
(bron) gva.be
Na de ruimte wil
Richard Branson nu de diepzee in
Na zijn ambitieuze plannen in de
ruimte, wil Richard Branson het nu ook in de diepzee wagen. De Britse
miljardair heeft een 'onderwatervliegtuig' laten ontwikkelen dat tot 40
meter diep kan duiken. Op termijn hoopt hij 10.000 meter te halen.
Necker Nymph, zo noemt het nieuwste snufje in de collectie van Richard
Branson. De baas van Virgin Atlantic betaalde bijna een half miljoen
euro voor deze 'duikboot' waarmee je tot 40 meter onder water kan gaan.
Naast de piloot is er plaats voor twee passagiers in de Necker Nymph.
Branson zal het vaartuig uitlenen aan bezoekers op zijn luxueus
vakantieoord in de Caraïben. Branson wil op termijn tot 10.000 meter
diepte halen met zijn toestel. Met Virgin Galactic Airways is de
extravagante Brit al bezig om tochtjes in de ruimte mogelijk te maken
voor toeristen.
|
|
|
|
--------------------
3 februari
Nieuws:
(bron) gva.be
Lelijkste vis ter
wereld wordt met uitsterven bedreigd
De rare blubbervissen (of 'Blobfish')
die op grote diepte in de Australische wateren leven, zijn met
uitroeiing bedreigd. De rare beestjes raken steeds meer verstrikt in
netten van krab- en kreeftvissers.
De vissen die wel gemaakt lijken te zijn van gelatine, worden zo'n 30
centimeter lang en leven op 900 meter diepte. Ze brengen de meeste tijd
door met ronddobberen en wachten veelal af tot er 'eten' voorbij komt
zwemmen. Deze speciale dieren worden echter zelden waargenomen maar de
laatste tijd worden ze vaker gezien doordat ze in de netten van vissers
terechtkomen. Het feit dat ze nu meer en meer verstrikt lijken te
geraken, kan het einde van de blubbervis betekenen. (hlnsydney/kve)
|
|
|
|
--------------------
3 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
Reuzeninktvissen
overspoelen Californische kust
Ontelbare inktvissen met een
gewicht van bijna 30 kg bevolken op dit moment de Californische wateren
en dit tot groot jolijt van de plaatselijke (sport)vissers.
De eerste grote pijlinktvissen lieten zich vorige week opmerken voor de
kust van Newport Beach en werden recent ook al gespot in de buurt van
San Diego, Oregon en Washington. De dieren hebben de gewoonte om
voedselbronnen te volgen en leggen vaak een hele weg af.
400 stuks
Pijlinktvissen kunnen maximaal 45 kg wegen en ongeveer twee meter groot
worden. Vissers hebben sinds het weekend al 400 indrukwekkende
exemplaren gevangen.
|
|
|
|
--------------------
1 februari
Nieuws:
(bron) hln.be
Reuzeninktvissen
overspoelen Californische kust
Ontelbare inktvissen met een gewicht van bijna 30 kg bevolken op dit
moment de Californische wateren en dit tot groot jolijt van de
plaatselijke (sport)vissers.
De eerste grote pijlinktvissen lieten zich vorige week opmerken voor de
kust van Newport Beach en werden recent ook al gespot in de buurt van
San Diego, Oregon en Washington. De dieren hebben de gewoonte om
voedselbronnen te volgen en leggen vaak een hele weg af.
400 stuks
Pijlinktvissen kunnen maximaal 45 kg wegen en ongeveer twee meter groot
worden. Vissers hebben sinds het weekend al 400 indrukwekkende
exemplaren gevangen.
|
|
|
|
|
|
|
Disclaimer
Ontwerp en onderhoud door
Zeevissport
vzw Copyright © 2005 -
2010
Zeevissport vzw. Alle rechten voor behouden.
Laatst gewijzigd op:
25 feb 2010 20:18
|